Handelingen

Vlaardingen, Markt 63 - Grote Kerk: verschil tussen versies

Uit Reliwiki

(Kaart hersteld)
(orgel)
 
Regel 33: Regel 33:
 
| style="text-align:top; background-color:Lightgrey; width:200px;" | 3131CR
 
| style="text-align:top; background-color:Lightgrey; width:200px;" | 3131CR
 
|-valign="top"
 
|-valign="top"
| style="text-align:top; background-color:Lightskyblue; width:200px;" | Inventarisatienummer:
+
| style="text-align:top; background-color:Lightskyblue; width:200px;" | Sonneveld-index:
 
| style="text-align:top; background-color:Lightskyblue; width:200px;" | 03544
 
| style="text-align:top; background-color:Lightskyblue; width:200px;" | 03544
 
|-valign="top"
 
|-valign="top"
Regel 61: Regel 61:
 
=== Toren ===
 
=== Toren ===
 
Toren. Zeer sober en strak bouwwerk, opgetrokken in 1744 door Daniel van Stolk, nadat de oude wegens bouwvalligheid werd afgebroken. Bakstenen romp van drie geledingen met kleine, overhoekse steunberen en rechthoekige nissen. Houten bovenbouw bestaande uit een gesloten en een open achtkant met koepelvormige afdekkingen. Opgesteld in de hal klok van H. van Trier, 1570, diam. 82,2 cm. Mechanisch torenuurwerk B. Eijsbouts, 1940, later voorzien van elektrische opwinding.  
 
Toren. Zeer sober en strak bouwwerk, opgetrokken in 1744 door Daniel van Stolk, nadat de oude wegens bouwvalligheid werd afgebroken. Bakstenen romp van drie geledingen met kleine, overhoekse steunberen en rechthoekige nissen. Houten bovenbouw bestaande uit een gesloten en een open achtkant met koepelvormige afdekkingen. Opgesteld in de hal klok van H. van Trier, 1570, diam. 82,2 cm. Mechanisch torenuurwerk B. Eijsbouts, 1940, later voorzien van elektrische opwinding.  
 +
==Orgel==
 +
De Grote Kerk te Vlaardingen werd in 1744 aanzienlijk vergroot en voorzien van een nieuwe toren. Er was geen geld voor een orgel, en daarnaast was een grote groep mensen tegen de aanschaf van een orgel. Toen het besluit viel om toch een orgel te kopen, mocht het niet te veel geld kosten. Om de kosten te drukken werd daarom een tweedehands instrument gezocht. In 1819 is het orgel van de voormalige Abdij Baudeloo (Boudelo) in Gent gekocht. Deze abdij was gesloten en werd ingericht als volkshogeschool. Het orgel was gebouwd door Pieter van Peteghem, en werd eind 1763 opgeleverd. Het orgel was een typisch Vlaams instrument uit de achttiende eeuw, met een klassiek Frans karakter. Een aardigheid is dat het instrument op 5 september 1765 door Wolfgang Amadeus Mozart is bespeeld. Opvallend is de omvang van de manualen, waarbij ook het contra-octaaf gedeeltelijk is gebouwd. Het orgel had drie manualen en aangehangen pedaal.
 +
De Utrechtse bouwer Abraham Meere zorgde voor de verplaatsing. Het oxaal werd zonder wijzigingen in Vlaardingen geplaatst. Er werden echter nieuwe orgelkasten gemaakt. Het echowerk werd niet geplaatst, maar Meere maakte een bovenwerk als derde klavier. De opbouw van het meubel startte in mei 1821. Waarschijnlijk was Meere in augustus 1823 klaar met het opbouwen van het binnenwerk. Voor de tijd waarin het werd opgeleverd had het geen gebruikelijke opbouw. De dispositie was typisch zuidelijk, en de klavieren liepen van Contra-F tot f'''. Daarbij moet opgemerkt worden dat Rug- en Hoofdwerk feitelijk liepen vanaf Contra-G, omdat de windlade geen grotere omvang had. Vanaf 1 september 1823 had Meere het onderhoud van het orgel onder zijn hoede. Na zijn dood in 1841 werd dit overgenomen door Kam & Van der Meulen.
 +
Het orgel paste niet in de Hollandse omgeving, en het werd dan ook langzaam maar zeker ver-Hollandst: Kam & Van der Meulen (1844), Van der Haspel (1865), Standaart (1922) en De Koff (1935) lieten van het oorspronkelijke karakter weinig over. De klavieromvang was C-f''' geworden, alle oude vulstemmen en tongwerken waren vervangen of verwijderd. De Koff maakte een zelfstandig pedaal met vier stemmen.
 +
Een grote restauratie van het kerkgebouw die startte in 1965 werd ook de aanzet voor het herstel van het unieke orgel. Lambert Erné stelde in 1968 een lijvig rapport op met een restauratievoorstel. Het uiterlijk van het instrument werd opnieuw geschilderd volgens het bestek van 1822, en was in 1970 voltooid. De plannen het orgel te laten restaureren door De Koff onder advies van Lambert Erné werden doorkruist door het faillissement van de orgelbouwer en de dood van Erné. Een nieuwe commissie, bestaande uit Hans Erné, Maarten Vente en Hans van der Harst zette echter de restauratie alsnog in gang. Besloten werd een reconstructie naar 1763/1822 uit te voeren, dus niet volgens het concept van Meere, maar meer in de geest van Van Peteghem. In 1971 begon deze restauratie door de gebroeders Vermeulen uit Weert. Nog bestaande Van Peteghem-orgels in Vlaanderen werden bestudeerd, en er werd pijpwerk gereconstrueerd aan de hand van voorbeelden. Pijpwerk van het orgel van het seminarie Bonne Espérance werd zelfs in bruikleen gegeven. Er werd besloten om wel een vrij pedaal aan te leggen, doch dit ook in de stijl van de rest van het orgel. De pedaalbezetting werd overgenomen van het orgel van de Sint Martenskerk in Aalst (België), gemaakt door Van Peteghem in 1763. Er kon voor een groot deel oud pijpwerk worden gebruikt. In 1973 was de restauratie voltooid. Het herboren orgel werd op vrijdag 23 november 1973 weer in gebruik genomen met een bespeling door Aad Zoutendijk en Hans van der Harst.
 +
In 2003 breidde Vermeulen het orgel uit met een Echowerk met acht registers. Dit werk is bespeelbaar van het manuaal van het Bovenwerk. Vanaf dit manuaal kan naar keuze het Bovenwerk of het Echowerk worden bespeeld. Het Echowerk is een discantwerk.
 +
* (Bron:[http://www.orgbase.nl/scripts/ogb.exe?database=ob2&%250=1001279&LGE=NL&LIJST=lang Orgeldatabase])
 
== In de media ==
 
== In de media ==
 
* Uit ''Het Vaderland'', 10 Juli 1936.
 
* Uit ''Het Vaderland'', 10 Juli 1936.

Huidige versie van 24 sep 2021 om 19:00


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Grote Kerk
Genootschap: PKN Protestantse gemeente Vlaardingen
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Vlaardingen
Plaats: Vlaardingen
Adres: Markt 63
Postcode: 3131CR
Sonneveld-index: 03544
Jaar ingebruikname: 12e
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 37422 (Kerk)
37423 (Toren)

Geschiedenis

Historische stadskerk met toren. Uitgebreide restauratie van deze kerk in de jaren 1970. De Koninklijke Eijsbouts Klokkengieterij en Fabriek van Torenuurwerken BV in Asten heeft het carillon van de Grote Kerk gerestaureerd en weer in de toren gehangen. Donderdag 12 september (welk jaar?) is het gerestaureerde carillon weer feestelijk in gebruik genomen.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Kerk

Driebeukige, in oorsprong gotische hallenkerk, door brand verwoest in 1574, nadien hersteld en driemaal vergroot, totdat het inwendige in 1865 geheel gewijzigd werd. Uitwendig beren en vensters der oude kerk bewaard; inwendig in beuken gescheiden door classicistische Dorische zuilen, die architraven dragen, van waaraf de houten tongewelven opgaan. Tot de inventaris behoren een rijk gesneden orgel met een rococo-kas, afkomstig uit de voormalige Abdijkerk van Baudeloo (B) en in 1819 door de Commissie tot de Kerkelijke Zaken van de Hervormde Gemeente te Vlaardingen gekocht van het stadsbestuur van Gent.

Dit orgel is in 1763 gebouwd door P. van Peteghem, en werd in 1823 bij de overplaatsing naar Vlaardingen door A. Meere uitgebreid met een Bovenwerk. Daarbij is de oorspronkelijke orgelkas ook aanzienlijk gewijzigd. Preekstoel, afkomstig uit de begin jaren 1960 gesloten Willemskerk te Den Haag, in imitatie Lod. XV-vormen uit 1865, met lezenaar (1778 en voorzangerslezenaar (XVIII)). In het koor verscheidene goed bewaarde zerken. Tegen de sluiting der noordelijke zijbeuk een bakstenen portaaltje (XVIIIb) met dwars schilddak, bekroond door kleine siervazen. Deuromlijsting met gesneden bovenlicht in Lod. XIV-vormen.

Toren

Toren. Zeer sober en strak bouwwerk, opgetrokken in 1744 door Daniel van Stolk, nadat de oude wegens bouwvalligheid werd afgebroken. Bakstenen romp van drie geledingen met kleine, overhoekse steunberen en rechthoekige nissen. Houten bovenbouw bestaande uit een gesloten en een open achtkant met koepelvormige afdekkingen. Opgesteld in de hal klok van H. van Trier, 1570, diam. 82,2 cm. Mechanisch torenuurwerk B. Eijsbouts, 1940, later voorzien van elektrische opwinding.

Orgel

De Grote Kerk te Vlaardingen werd in 1744 aanzienlijk vergroot en voorzien van een nieuwe toren. Er was geen geld voor een orgel, en daarnaast was een grote groep mensen tegen de aanschaf van een orgel. Toen het besluit viel om toch een orgel te kopen, mocht het niet te veel geld kosten. Om de kosten te drukken werd daarom een tweedehands instrument gezocht. In 1819 is het orgel van de voormalige Abdij Baudeloo (Boudelo) in Gent gekocht. Deze abdij was gesloten en werd ingericht als volkshogeschool. Het orgel was gebouwd door Pieter van Peteghem, en werd eind 1763 opgeleverd. Het orgel was een typisch Vlaams instrument uit de achttiende eeuw, met een klassiek Frans karakter. Een aardigheid is dat het instrument op 5 september 1765 door Wolfgang Amadeus Mozart is bespeeld. Opvallend is de omvang van de manualen, waarbij ook het contra-octaaf gedeeltelijk is gebouwd. Het orgel had drie manualen en aangehangen pedaal. De Utrechtse bouwer Abraham Meere zorgde voor de verplaatsing. Het oxaal werd zonder wijzigingen in Vlaardingen geplaatst. Er werden echter nieuwe orgelkasten gemaakt. Het echowerk werd niet geplaatst, maar Meere maakte een bovenwerk als derde klavier. De opbouw van het meubel startte in mei 1821. Waarschijnlijk was Meere in augustus 1823 klaar met het opbouwen van het binnenwerk. Voor de tijd waarin het werd opgeleverd had het geen gebruikelijke opbouw. De dispositie was typisch zuidelijk, en de klavieren liepen van Contra-F tot f. Daarbij moet opgemerkt worden dat Rug- en Hoofdwerk feitelijk liepen vanaf Contra-G, omdat de windlade geen grotere omvang had. Vanaf 1 september 1823 had Meere het onderhoud van het orgel onder zijn hoede. Na zijn dood in 1841 werd dit overgenomen door Kam & Van der Meulen. Het orgel paste niet in de Hollandse omgeving, en het werd dan ook langzaam maar zeker ver-Hollandst: Kam & Van der Meulen (1844), Van der Haspel (1865), Standaart (1922) en De Koff (1935) lieten van het oorspronkelijke karakter weinig over. De klavieromvang was C-f geworden, alle oude vulstemmen en tongwerken waren vervangen of verwijderd. De Koff maakte een zelfstandig pedaal met vier stemmen. Een grote restauratie van het kerkgebouw die startte in 1965 werd ook de aanzet voor het herstel van het unieke orgel. Lambert Erné stelde in 1968 een lijvig rapport op met een restauratievoorstel. Het uiterlijk van het instrument werd opnieuw geschilderd volgens het bestek van 1822, en was in 1970 voltooid. De plannen het orgel te laten restaureren door De Koff onder advies van Lambert Erné werden doorkruist door het faillissement van de orgelbouwer en de dood van Erné. Een nieuwe commissie, bestaande uit Hans Erné, Maarten Vente en Hans van der Harst zette echter de restauratie alsnog in gang. Besloten werd een reconstructie naar 1763/1822 uit te voeren, dus niet volgens het concept van Meere, maar meer in de geest van Van Peteghem. In 1971 begon deze restauratie door de gebroeders Vermeulen uit Weert. Nog bestaande Van Peteghem-orgels in Vlaanderen werden bestudeerd, en er werd pijpwerk gereconstrueerd aan de hand van voorbeelden. Pijpwerk van het orgel van het seminarie Bonne Espérance werd zelfs in bruikleen gegeven. Er werd besloten om wel een vrij pedaal aan te leggen, doch dit ook in de stijl van de rest van het orgel. De pedaalbezetting werd overgenomen van het orgel van de Sint Martenskerk in Aalst (België), gemaakt door Van Peteghem in 1763. Er kon voor een groot deel oud pijpwerk worden gebruikt. In 1973 was de restauratie voltooid. Het herboren orgel werd op vrijdag 23 november 1973 weer in gebruik genomen met een bespeling door Aad Zoutendijk en Hans van der Harst. In 2003 breidde Vermeulen het orgel uit met een Echowerk met acht registers. Dit werk is bespeelbaar van het manuaal van het Bovenwerk. Vanaf dit manuaal kan naar keuze het Bovenwerk of het Echowerk worden bespeeld. Het Echowerk is een discantwerk.

In de media

  • Uit Het Vaderland, 10 Juli 1936.

Woensdag a.s. zal het geheel gerestaureerde orgel in de Groote Kerk der Ned. Herv. Gemeente te Vlaardingen, organist de heer Gijs de Graaf, opnieuw officieel in gebruik worden genomen. Het zal bij die gelegenheid bespeeld worden door den adviseur bij de restauratie den heer J.H. Besselaar Jr, den organist van de St Laurenskerk te Rotterdam.

Dit orgel van een der beroemdste orgelbouwers uit de Zuidelijke Nederlanden, nl. Pieter van Pethegem te Gent, gebouwd in 1763 en waarvan het pijpmateriaal volgens een bij de restauratie gevonden inscriptie vervaardigd werd door Lambertus van Ghendt, was in den loop der tijden zeer achteruitgegaan, terwijl verschillende stemmen verwijderd waren. Het instrument is thans door de firma J. de Koff en Zoon te Utrecht grondig gerestaureerd, voorzien van geheel nieuw speelmechaniek, 10 nieuwe stemmen, grootendeels ter vervanging van de ontbrekende, vrij pedaal, drie nieuwe handklavleren en een nieuw voetklavier.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Orgel