Handelingen

Rotterdam, Persoonsstraat 1 - Wilhelminakerk (1898 - 1972)

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Wilhelminakerk
Genootschap: Ned. Hervormde Kerk
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Rotterdam
Plaats: Rotterdam
Adres: Persoonsstraat 1
Postcode: 3071EG
Inventarisatienummer: 03020
Jaar ingebruikname: 1898
Architect: Hooijkaas, B. jr.
Huidige bestemming: gesloopt in 1973
Monument status: geen

Geschiedenis

Dit was een zeer monumentale stadskerk met beeldbepalende toren. Na de historische Sint Laurenskerk en de Koninginnekerk was de Wilhelminakerk qua monumentaliteit de 3e Hervormde kerk in het voor- en naoorlogse Rotterdam. Architectonisch deed deze kerk denken aan vele Lutherse kerkgebouwen in grote Duitse steden, o.a. Berlijn. Buiten gebruik in 1972 en helaas gesloopt in 1973. Opgericht als nieuwe wijkkerk van de toenmalige, zelfstandige "Nederduitsch Hervormde Gemeente", afgesplitst van de Hervormde Gemeente IJsselmonde. Evenals de Koninginnekerk in Rotterdam kon deze kerk gebouwd worden dankzij een gift van de gezusters Van Dam. De inwijding volgde op 27 november 1898. Het was een forse zaalkerk op centraliserende plattegrond met uitgebouwde, driezijdig gesloten absis en fronttoren, geflankeerd door twee lagere traptorens. De absis werd uitwendig geaccentueerd door topgevels en een eenvoudige dakruiter. Het interieur was voorzien van galerijen en werd gedomineerd door een forse vrijstaande kansel in het koor. Belangrijk voorbeeld van stilistische vernieuwing in de protestantse kerkbouw van omstreeks 1900, voortkomend uit het eclecticisme, tevens belangrijk werk uit het oeuvre van B. Hooijkaas Jr.

Rotterdam, Wilhelminakerk; kopie van foto.

De kerk kreeg in de naoorlogse jaren grote bekendheid door de orgelconcerten van o.a. de bekende organist en dirigent Feike Asma (1912-1984). Als gevolg van teruglopend kerkbezoek werd de kerk in 1972 buiten gebruik gesteld en in het jaar daarna gesloopt. Een groot deel van het pijpwerk uit het Steenkuijl-orgel (1900) kreeg in 1974 een nieuwe bestemming in het nieuwe orgel van de Oude Kerk te Veenendaal. Zowel de Koninginnekerk als de Wilhelminakerk beschikten over 1.600 zitplaatsen.

  • (Literatuur: Klaassen, H.A., Voet, H.J.S., Groeten uit Rotterdam-Zuid. Deel 1: Noordereiland, Feijenoord, Katendrecht, Afrikaanderwijk, 1984, 60-61)

Orgel

Algemeen

Artikel uit 1971

Eén van de mooiste orgels van Rotterdam vindt men in de Wilhelminakerk aan de Oranjeboomstraat. Deze kerk, gebouwd volgens het ontwerp van de architekt B. Hooijkaas Jr., werd op 27 november 1898 door de Hervormde Gemeente van Feyenoord in gebruik genomen.

Het orgel, dat een geschenk was van een onbekende geefster, werd in de jaren 1900-1901 gebouwd door de orgelmaker D.G. Steenkuyl te Amsterdam. Als adviseur trad op de heer G.H. Vijgeboom, organist van de Oosterkerk aan de Hoogstraat. Op 13 februari 1901 werd het orgel geheel door hem gekeurd, in een brief aan de kerkvoogdij deelde hij o.a. mede: “Het werk heeft 27 sprekende stemmen met 1482 pijpen, verdeeld over 2 klavieren en Vrij pedaal. Hoofdwerk en Klavierkoppel werken pneumatisch. Bij een reeks schoone en liefelijke geluiden ontwikkelen de gecombineerde stemmen een groote kracht, die door middel van 2 pianotreden kan verminderd worden met al de vulstemmen en tong- werken van het Hoofdmanuaal en Pedaal, terwijl de Crescendokast de stemmen van het Bovenklavier naar welgevallen doet aanzwellen of afnemen tot een fluisterend pianissimo”.

Op 15 februari 1901 werd het orgel voor de kerkvoogdij, genodigden en de pers tijdens een concert bespeeld door de heren G.H. Vijgeboom en W. Kool, de laatste als organist der kerk. Hoewel het orgel in de z.g. vervalperiode van de orgelbouw tot stand kwam, is het een opmerkelijke uitzondering tussen zijn tijdproducten, Vooral in zijn stoere en gloedvolle klank. Het orgel heeft in tegenstelling met bovenvermeld citaat een mechanische tractuur, waarbij echter bij het onderklavier (hoofdwerk) en de klavierkoppel een soort “Barker-systeem” werd toegepast. Daardoor is de zware aanslag tijdens het spelen met gekoppelde klavieren, zoals bij vele andere mechanische orgels, bij dit instrument aanmerkelijk gereduceerd. Het pijpwerk van het tweede klavier staat in een zwelkast.

In de loop der jaren werd aan het tweede klavier nog een Voix Célèste toegevoegd, waardoor het aantal strijkende stemmen op 5 werd gebracht. Na de 2e wereldoorlog werden drie registers door andere vervangen en in 1961 vond nog een dispositiewijziging plaats, waarbij het in de bedoeling lag om de beide toen vervangen stemmen later op een aparte windlade te herplaatsen, doch hiervan is echter nimmer iets gekomen. Deze werkzaamheden werden verricht door de Amsterdamse orgelmaker A. Bik op aanwijzing van Feike Asma.

Steenkuylorgel (1901); kopie foto

Het orgel is opgesteld in de torenruimte boven de galerij tegenover de preekstoel en heeft een teakhouten front bestaande uit drie pijpenronden en twee, in drie vakken verdeelde, rechte tussenvelden. Boven de tussenvelden vertonen zich twee gestileerde zwanen. Het front is van boven afgesloten door een met het beloop van de ronden meelopende brede lijst welke is voorzien van vierkante paneeltjes. Drie ervan zijn beschilderd met beeltenissen van personen welke doen denken aan de komponisten Bach, Handel en César Franck; de overige twaalf zijn met velerlei muziekinstrumenten gedekoreerd. Onderaan heeft het front eveneens breed lijstwerk dat, evenals dat van de drie consoles onder de ronden, is opengewerkt. De stijlen van de ronden lopen van onderen door en zijn aan de einden fraai bewerkt. De beide zijronden hebben elk bovenaan nog drie boogvakjes met kleine pijpjes, welke door bewerkte lijsten zijn afgesloten. Het middenrond, dat korter is dan de zijronden, heeft alleen opengewerkt lijstwerk met doorlopende bewerkte stijlen als topversiering.

Onder het orgel, links van de toegang naar de orgelruimte, bevindt zich de eiken speeltafel. Deze is zo geplaatst dat de organist vrij uitzicht op de preekstoel heeft. Als gevolg van de vernieuwde verwarming liep het orgel in 1970 schade op, doch deze werd door de heren A. den Bieker (koster der kerk) en de organist Jan Bout hersteld, zodat het orgel weer bespeelbaar werd. De oorspronkelijk op de orgelgalerij aanwezige banken zijn destijds verwijderd, waardoor deze galerij betere mogelijkheden als koorgalerij biedt.

Zeer talrijk zijn de concerten die op dit orgel werden gegeven door Feike Asma, Dirk Jansz. Zwart, Frits Willebrands, Piet van Egmond, Jan Bonefaas, Freek de Keizer, Addie de Jong en vele anderen. Deze concerten werden ruim twintig jaar georganiseerd door het Rotterdams Orgel Comité en daarna nog lange tijd door de Stichting Orgelcentrum te Leiden. In november 1936 werd het orgel tijdens een kooravond bespeeld door Jan Zwart, terwijl later in juni 1959 ook de Franse organiste Jeanne Demessieux er eenmaal op heeft geconcerteerd.

Voorts vonden in deze kerk vele kooruitvoeringen plaats, zowel door Rotterdamse koren als door koren uit andere plaatsen.

Als organisten zijn aan de Wilhelminakerk verbonden geweest de heren W. Kool (1901-±1930) en Frits Willebrands (1931-1956). De laatste werd op 1 december 1956 opgevolgd door de tegenwoordige organist Jan Bout.

Anno Domini - 1971 JAN VAN BOMMEL JZN

Op zekere winterse avond in de jaren tussen 1965 en 1970 zou Feike Asma een concert geven, echter bij de eerste akkoorden bleken de tongwerken ontstemd. Vervolgens werden de concertgangers vergast op een stembeurt door de concertgever. Zijn donderende stem vanuit het orgel klonk nog na toen een kwartier later het concert werd voortgezet.

In 1971 heeft de toonkunstenaar Koos Bons (zie afbeelding) uit Maassluis dit orgel op de (langspeel-)plaat gezet met improvisaties over Gospels & Spirituals. Een programma dat op dit orgel heel goed tot z’n recht is gekomen.

Dispositie (1971)

  • Hoofdwerk: Bourdon 16’ - Prestant 8’ - Roerfluit 8’ - Octaaf 4’ - Fluit 4’ - Quint 3’ - Octaaf 2’ - Mixtuur 3-4 st. - Cornet (diskant) 3-5 st. - Sexquiaiter (diskant) 2 st. - Fagot 16’ - Trompet 8’ - Tremulant.
  • Zwelwerk: Holfluit 8’ - Salicionaal 8’ - Prestant 4’ - Flûte harmonique 4’ - Nasart 3’ - Woudfluit 2’ - Quint 1 1/2’ - Scherp 3 st. - Dulciaan 8’ - Tremulant.
  • Pedaal: Prestant 16’ - Subbas 16’ - Octaaf 8’ - Bourdon 8’ - Octaaf 4’ - Bazuin 16’ - Trompet 8’.
  • Koppelingen: Hoofdwerk - Zwelwerk; Hoofdwerk - Pedaal; Zwelwerk - Pedaal.
  • Treden: Pianotreden vulstemmen; trede tongwerken van Hoofdwerk en Pedaal.

Vervolg

Toen de kerk in 1972 werd gesloten kwam het orgel te koop. Uiteindelijk is het grootste deel van het pijpwerk verwerkt in het door Vierdag gebouwde orgel (1974) in de Oude Kerk van Veenendaal. (Zie [1])

In de media

Uit Het Nieuws van den Dag, 30 November 1898.

Te Rotterdam werden zeven jaren geleden stappen gedaan om te Feijenoord een afzonderlijke gemeente der Ned. Herv. Kerk te stichten. Aanvankelijk werd eene hulpkerk opgerioht op een terrein, door de Ned. Stoombootmaatschappij tot dat doel afgestaan, welke destijds door Ds. Vinke werd ingewijd. Sedert onderging de bevolking van Feijenoord een belangrijke uitbreiding, zoodat meer en meer de behoefte gevoeld werd aan een waardig kerkgebouw. Een onbekende gaf tot dat doel een waarlijk vorstelijke gift, waarvoor een doelmatig terrein kon worden aangekocht in de Oranjeboomstraat en Persoonstraat. Zondag is de aldaar gebouwde kerk ingewijd. Het fanfarecorps van „Obadja" deed in den vroegen ochtend van den torentrans fanfaremuziek hooren en begeleidde gedurende den dienst het kerkgezang. Ds. W. Astro hield de inwijdingsrede met eene toespraak over I Petrus II : 5.

Aangaande het gebouw kunnen wij mededeelen, dat het terrein ongeveer ƒ 60,000 kostte, en dat de bouw van de kerk met toren bij aanbesteding werd gegund aan de heeren W.A. Vrolijk & Zoon, te Rotterdam, volgens ontwerp van den architect, den Heer B. Hooijkaas Jr. Den 23en Mei 1897 werd de eerste steen gelegd op een fundament van 600 palen. De kerk is opgetrokken van baksteen, met toepassing van hard- en zandsteen. Hare lengte bedraagt 50, hare breedte 28 en de toren is 60 M. hoog. In de kerk is plaats voor 1500 menschen. De hoofdingang is in den toren; daarachter is een ruime vestibule, die tot de kerk leidt. De predikstoel staat recht tegenover den ingang; daaromheen is een doophek met banken, terwijl boven rondom gaanderijen zijn gebouwd. Op die tegenover den preekstoel is plaats voor een orgel, dat geplaatst zal worden, wanneer het gebouw goed droog is. Het kerkgebouw maakt op de bezoekers een aangenamen indruk. De acustiek is uitmuntend, en de fraaie gekleurde ramen verspreiden een aangenaam zacht licht.

Uit Reformatorisch Dagblad, 20 oktober 2012.

ROTTERDAM – Het waren nauwelijks honderd kerkgangers die veertig jaar geleden de laatste dienst bijwoonden in de Wilhelminakerk in Rotterdam. Ds. K. H. Meijer bediende die dag, 15 oktober 1972, het Woord. Een jaar later werd de kerk gesloopt.

De Wilhelminakerk, op de hoek van de Oranjeboomstraat en de Persoonsstraat, was eind negentiende eeuw gesticht als nieuwe wijkkerk van de toenmalige Nederduitsch Hervormde Gemeente. Het bedehuis telde 1600 zitplaatsen. In de jaren na de sloop vielen tal van andere Rotterdamse kerken ten prooi aan de slopershamer.

De Wilhelminakerk was ontworpen door architect Barend Hooijkaas jr. en kon worden gebouwd dankzij een gift van de gezusters Van Dam. De ingebruikname had plaats op 27 november 1898. Nadat het fanfarekorps Obadja in de vroege ochtend van de torentrans fanfaremuziek blies, begeleidde het daarna in de kerkdienst de kerkzang. Pas in 1901 kreeg de kerk een orgel, gebouwd door D. G. Steenkuyl te Amsterdam.

Ds. W. Astro, predikant van IJsselmonde, hield de inwijdingspreek over 1 Petrus 2:5: „Zo wordt gij ook zelf, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis.” Het kerkzegel had als opschrift: „’t Is ’t veiligst oord dat blijft bij ’t Woord.” Vier maanden later, op 5 maart 1899 deed de eerste predikant van de Wilhelminakerk zijn intrede. Ds. Sake Monsma zou tot 1915 blijven.

In de tijd dat de Wilhelminakerk werd gebouwd, was Rotterdam-Zuid danig in beweging. Nieuw gegraven havens boden aan duizenden mannen werk. De nieuwe gezinnen die in Rotterdam-Zuid kwamen wonen, waren vooral afkomstig van de Zuid-Hollandse en de Zeeuwse eilanden.

In 1928 beschikte de hervormde gemeente van Feijenoord over drie kerkgebouwen: de Wilhelminakerk, de Marana­thakerk en Gebouw Pretoria. In later jaren telde de gemeente zes predikantsplaatsen: twee met Gereformeerde Bondssignatuur, twee van de confessionele modaliteit en twee van midden-orthodoxe richting.

De Wilhelminakerk werd het domein van de legendarische organist Feike Asma. Op 1 juni 1938 gaf hij er voor het eerst een orgelconcert in deze kerk, daartoe uitgenodigd door het Comité Nagedachtenis Jan Zwart. De toenmalige predikant, ds. Joh. A. Raams (1936-1946), opende en sloot de avond met gebed. Asma vestigde zijn roem in de Wilhelminakerk.

In 1958, bij de viering van het 60-jarig bestaan van de kerk, constateerde wijkpredikant ds. Jac. Treffers (1946-1965) een grote teruggang in kerkgang en gemeenteleven. Rotterdam-Zuid verpauperde meer en meer. Woningen werden niet meer onderhouden of werden gesloopt. Bewoners vertrokken, winkels verdwenen, kerken raakten leger of werden gesloopt.

Drie jaar later schreef ds. Treffers: „Deze wijkgemeente telde vijfduizend zielen. Ieder jaar wordt hun aantal minder. 
Als de sanering doorgaat, blijft er praktisch niemand meer over.”

De Wilhelminakerk, die ooit 1200 tot 1500 kerkgangers borg, was in die tijd nog maar voor een kwart gevuld. In 1962 waren het er niet meer dan 200 tot 300. De jaren daarna liep het kerkbezoek nog verder terug tot 80 à 90 kerkgangers. Als er echter een predikant van Gereformeerde Bondsrichting kwam preken, was de kerk weer gevuld met 500 tot 800 mensen.

Uiteindelijk werd op 15 oktober 1972 de laatste dienst in de Wilhelminakerk gehouden door ds. K. H. Meijer. In zijn afscheidspreek noemde hij de sluiting van de kerk een teken van de numerieke achteruitgang van de Hervormde Kerk. Het sluiten van het kerkgebouw betekende volgens hem niet „dat hier ook de verkondiging van het Evangelie ophoudt. Die gaat gewoon door.”

Toen in 1973 de kerk werd gesloopt werd de naastgelegen pastorie ingericht als kerkzaal. Deze kreeg de naam van Wilhelminakapel. Nadat ook deze moest sluiten, werden er nog eens per maand kerkdiensten gehouden in het CJV-gebouw, verderop in de Oranjeboomstraat. Op 6 november 1988 kwam ook daar een eind aan. De overgebleven gemeenteleden kregen de keus lid te worden van de Maranathakerk of van de gemeente Vreewijk of gastlid te worden van de gereformeerde Koningskerk.


(Bron:Artikel in Reformatorisch Dagblad)

Uit Reformatorisch Dagblad, 13-05-2023

Vijftig jaar geleden ging de Wilhelminakerk tegen de vlakte

De Wilhelminakerk, bruut gesloopt

Het zou de mooiste gesloopte kerk van Nederland zijn, de Wilhelminakerk in Rotterdam-Zuid. Hij stond aan de Oranjeboomstraat, toen nog een chique winkelstraat. Vijftig jaar ging hij zonder mededogen tegen de vlakte.

Op de hoek van de Oranjeboomstraat (Rotterdammers hebben het over de Oranjebóómstraat) en de Persoonsstraat in Rotterdam-Zuid ligt een braak stuk grond. Hier verrees tot 1973 in volle glorie de Wilhelminakerk. Nadat de kerk met de grond gelijk was gemaakt, werd er basisschool De Dukdalf neergezet. Die is in 2021 ook gesloopt. Nu ligt er een zandvlakte vol rommel en onkruid. aan de randen staan een paar containers vol bouwafval. Op deze plaats moet binnenkort een appartementengebouw komen. Het bijzondere van deze nieuwbouw is dat er op de kop van het gebouw een toren van twaalf verdiepingen komt die herinneringen moet oproepen aan de toren van de Wilhelminakerk.

Omstanders

In een van de nabijgelegen portiekwoningen is een vrouw aan het werk. Joomec, zo heet ze, ze komt van oorsprong uit Portugal en poetst nu dagelijks de trappenhuizen van de woonblokken aan de Oranjeboomstraat. Weet Joomec nog iets van de kerk die hier ooit stond? "Ik woon dertig jaar in Zuid, heb de kerk dus niet gekend, maar heb er wel iets over gehoord." Iets verderop bevindt zich beautysalon Lida. Weet Lida misschien nog van de Wilhelminakerk? langzaam gaat er iets dagen. "Ik weet dat er over de sloop veel te doen is geweest. En binnenkort beginnen ze daar met de bouw van appartementen." Twee dames in de beautystoelen knikken. Daar hebben zij ook iets van gehoord. Verder komen ze niet. Het is ook al vijftig jaar geleden.

Veel emotie

Vijftig jaar geleden ging de Wilhelminakerk bruut tegen de vlakte. Geheide Rotterdammers stonden er mistroostig bij te kijken. Alweer werd er zo'n eerbiedwaardig godshuis gesloopt. De emoties liepen hoog op het verdroot Rotterdam-Zuid. Een jaar eerder was de markante Koninginnekerk aan Boezemsingel, na eindeloos getouwtrek, ook al gesloopt. Sommige hadden nog pogingen gedaan beide kerken te behouden. Evangelist Johan Maasbach had er echt zijn best voor gedaan, en grammofoonplatenhandelaar J.A. Vis ook. Maar nee, beide kerken waren overbodig. Ook de Wilheminakerk moest echt verdwijnen. De exploitatiekosten liepen maar op en het aantal zondagse kerkgangers bleef maar teruglopen. Er kwamen op 't laatst op zondag nog geen honderd bezoekers meer. Hoewel, ging er eens een predikant van de Gereformeerde Bond voor, dan zat het gebouw toch best weer aardig vol, met 500 tot 800 mensen. Dat was toch een ouderwetse koppel volk!

De laatste dienst

Op zondag 15 oktober 1972 werd in de Wilhelminakerk de laatste dienst gehouden. De hervormde predikant ds. K.H. Meijer ging voor. Buiten was het een sombere, bewolkte dag. Binnen was de stemming al niet veel beter, maar toch waren de bank weer redelijk bezet. Ds. Meijer preekte over Openbaring 21:22 "En ik zag nog geen tempel in dezelve." De predikant noemde de sluiting van de kerk een teken van de getalsmatige achteruitgang van de Nederlands Hervormde Kerk. Maar het sluiten van de Wilhelminakerk betekende geenszins dat de verkondiging van het Evangelie ophield. "Die gaat gewoon door." Toen de puinresten van de Wilhelminakerk waren weggeveegd, werd de naastgelegen pastorie verbouwd en ingericht als kerkzaal, die kreeg de naam Wilhelminakapel.

Feijenoord

De Wilhelminakerk in de sterk groeiende wijk Feijenoord werd op zondag 27 november 1898 in gebruik genomen als nieuwe wijkkerk van de toenmalige Nederduitsch hervormde gemeente. Rotterdam-Zuid heft het die zondag geweten! Al in de vroege ochtenduren blies fanfarekorps Obadja triomfantelijke tonen vanaf de torentrans. Ds. W. Astra, predikant van IJsselmonde, spraak die zondagmorgen over 1 Petrus 2:5: "Zo wordt gij ook zelven, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterdom." Slechts enkele maanden later, op 5 maar 1899 deed de eerste predikant van de Wilhelminakerk intrede, ds. S. Momsma, gekomen uit Well en Ammerzoden. De Wilhelminakerk was een ontwerp van architect Barend Hooykaas jr. Het was een kolossale zaalkerk, met rondom galerijen, voorzien van ongeveer 1600 zitplaatsen. Na de Laurenskerk en de Koninginnekerk werd de Wilhelminakerk, met zijn 60 meter hoge toren, wat monumentaliteit betreft beschouwd als het derde hervormde kerkgebouw van Rotterdam.

Samenzang

De Wilhelminakerk kreeg niet direct een orgel. De samenzang werd in het begin begeleid door fanfarekorps Obadja. Pas in 1901 kreeg de kerk een tweeklaviers pneumatisch orgel, gebouwd door de Amsterdamse orgelmaker D.G. Steenkuyl. Het had bij de oplevering 27 stemmen. G.H. Vijgeboom, organist van de Oosterkerk, mocht het orgel keuren en hij schreef toen: "Bij een reeks schoone en liefelijke geluiden ontwikkelen de gecombineerde stemmen een groote kracht, die door middel van twee pianotreden kan verminderd worden met al de vulstemmen en tongwerken van het Hoofdmanuaal en Pedaal, terwijl de Crescendokast de stemmen van Bovenklavier naar welgevallen doet aanzwellen of afnemen tot een fluisterend pianissimo." In de jaren voor en na de Tweede Wereldoorlog kreeg het romantische orgel bekendheid door de tweewekelijkse orgelbespelingen van Feike Asma. Door de akoestiek in het kerkgebouw klonk het bescheiden instrument van Steenkuyl als een kathedraalorgel. Bezoekers kwamen vooral voor de koraalbewerkingen van Jan Zwart en Asma zelf. Het liefst hoorden ze "Ga niet alleen door 't leven" en "Scheepje onder Jezus hoede", en vooral natuurlijk "De Heer zal opstaan tot de strijd". Die concerten waren geliefd bij de gereformeerde jongelui uit de omtrek. Mochten ze op zaterdagavond tenminste ook eens de deur uit.

Schipperskinderen

Oud-Rotterdammers weten zich ook nog steeds koorconcerten te herinneren van het gemengde koor Vox Jubilans onder leiding van Marinus Egbers, en van het Kamper mannenkoor "Door Eendracht Verbonden" van Klaas Jan Mulder. Anderen weten nog te vertellen over de stampvolle Kerstfeestdiensten voor schipperskinderen in de jaren zestig. Voorganger was dan ds. A. van der Most, schipperspredikant in dienst van de hervormde gemeente te Rotterdam. Koos Bons uit Maassluis zat dan achter de klavieren. Bij de sloop van de Wilhelminakerk verhuisde een groot deel van het pijpwerk van Steenkuyl naar Veenendaal, waar het werd gebruikt in het nieuwe Vierdagorgel in de Oude Kerk. De Wilhelminakerk is geschiedenis geworden. Hoe hebben ze 'm ooit durven slopen.

Luisteren naar Asma

"Ik zal ongeveer veertien jaar geweest zijn toen ik voor het eerst in de Wilhelminakerk was. Het ging niet om de kerk, maar om het orgel. Feike Asma gaf er een orgelconcert. eerst mocht ik van mijn geboortedorp Nieuw-Beijerland met iemand meerijden naar Rotterdam. Voor mijn gevoel een wereldreis. Later nam ik de stoomtram, nog weer later ging ik op de bromfiets. In de Wilhelminakerk hoorde ik hoe mijn eigen gepriegel over het Canonisch voorspel over Psalm 42 van Jan Zwart en Asma's fantasie over Psalm 42 echt zou moeten klinken. Wat ik hoorde, dronk ik in als water, niet te vergeten de geweldige samenzang. Ik zocht altijd een prominent plekje waar ik zicht had op de verrichtingen van Asma. Telkens hoopte ik dat de hele avond gevuld zou zijn met koraalbewerkingen. Dat was niet altijd het geval,. Bij de grote orgelwerken van Bach, Franck of Reger sloeg de verveling toe. Dat zag ik ook om me heen. Dan had je tijd genoeg om rond te kijken en te zien hoe in slecht verlichte hoeken jonge stelletjes met elkaar zaten te knuffelen. Begin jaren zestig kreeg ik zelf verkering. Toen stopte de gang naar de Wilhelminakerk. Lang is de herinnering aan de kerk me bijgebleven. Toen ik eind jaren zestig in Rotterdam wonende, zag ik hoe de befaamde kerk met de grond gelijk werd gemaakt."

Aad Alblas, Rotterdam

De trouwbijbel van mijn ouders

"De eerste herinnering aan de Wilhelminakerk die bovenkomt, betreft niet het gebouw, maar de trouwbijbel van mijn ouders. Voorin stond "Rotterdam-Feijenoord", plus de handtekening van ds. F. Kijftenbelt, die hun huwelijk in de Wilhelminakerk in 1930 bevestigde met de woorden uit Exodus 33 : 15. In de eerste helft van de jaren 60 in de vorige eeuw maakte ik zelf kennis met het prachtige, indrukwekkende kerkgebouw aan de Oranjeboomstraat en het orgel van Steenkuyl. Het instrument had nog geen dertig stemmen, maar door de fantastische ruimte klonk het als een orgel uit een kathedraal. Op zaterdagavonden werd hier orgelconcerten gegeven. Waarvan Feike Asma het grootste deel voor zijn rekening nam. Mijn neef en ik hadden op zaterdagavond in de kerk van de gereformeerde gemeente aan het Mijnsheerenplein catechisatie, van zeven tot acht uur, maar vroegen aan onze catechiseermeester of we tien minuten eerder weg mochten om naar de Oranjeboomstraat te fietsen. Onvergetelijk waren de uitvoeringen van composities van Franck, Monnikendam en Langlais. Toen ik ergens in de jaren zeventig tijdens mijn studie aan het Rotterdams Conservatorium van plan was om mijn 'oude liefde' nog eens op te zoeken en om zelf het orgel te bespelen, kreeg ik de ontnuchterende mededeling dat het orgel gedemonteerd en de kerk en de kerk afgebroken was. Maar de herinneringen blijven."

Henk C. de Gelder, Nieuw-Beijerland

Bommen en sloopkogels

"In mei 1940 werd Rotterdam gebombardeerd. In de jaren zeventig volgde een tweede bombardement op de stad. Nu niet vanuit een vliegtuig, maar door draglines met grote sloopkogels. Opnieuw werd er veel gesloopt. De majestueuze Koninginnekerk met zijn twee koperen torens moest eraan geloven. De sloop van deze kerk maakte veel los, mede omdat de kerk op zo'n plaatsbepalend punt in de stad stond. de sloop van de Wilhelminakerk in Zuid gaf minder reuring, voor zover ik mij herinner. De Wilhelminakerk werd onder meer beroemd door concerten van Feike Asma. Als je op de galerij zat, kon je zijn verrichtingen volgen. Asma had de gewoonte om van tijd tot tijd zijn linker of rechterhand ruim boven zijn hoofd te tillen zodat iedereen met spanning uitkeek naar de klap waarmee het nieuwe akkoord met het klavier liet vallen. Dat was allemaal voorbij toen de sloperskogel ook de Wilhelminakerk omver had gehaald. In Rotterdam is nog veel meer ter ziele gegaan, zoals de Nieuwe Zuiderkerk aan de Westzeedijk, en aan dezelfde dijk de rooms-katholieke kathedraal, die plaatsmaakte voor een kantoorgebouw. Vandaag zou men andere afwegingen maken. Ik ben van 1953 en heb het oorlogsgeweld niet meegemaakt, maar wil toch graag zeggen: laten we doorgaan met gericht monumentenbeleid."

Piet Lindenberg, Zoetermeer

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur