Handelingen

Arnhem, Da Costastraat 5 - Paasbergkerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Paasbergkerk
Genootschap: Ned. Hervormde Kerk
Provincie: Gelderland
Gemeente: Arnhem
Plaats: Arnhem
Adres: Da Costastraat 5
Postcode: 6824NT
Inventarisatienummer: 10944
Jaar ingebruikname: 1932
Architect: J.G.A. Heineman (1889-1959)
Huidige bestemming: inbouw appartementen
Monument status: Gemeentelijk monument


Geschiedenis

Grote interbellumkerk met beeldbepalende toren, die een kopergroene torenspits heeft.

Buiten gebruik als Ned. Hervormde kerk in 1991.

In ± 1997 aangewezen als Gemeentelijk monument.

Inbouw woningen begin jaren 2000.

Bouwstijl: zakelijkheid met traditionele elementen

Motivering Gemeente Arnhem:

Het object is van belang voor de gemeente Arnhem vanwege zijn architectonische waarde, situeringswaarde en cultuurhistorische waarde.

Toelichting:

De Paasbergkerk aan de Da Costastraat is gelegen in de vrij smalle en langgerekte wijk Paasberg die grotendeels dateert uit de jaren '20 en '30 van de 20ste eeuw. Aan de oostzijde wordt de wijk begrensd door het in een parkachtige omgeving gesitueerde Bronbeek, aan de westzijde bevindt zich het park Angerenstein. Aan de zuidzijde wordt de wijk begrensd door de Velperweg, terwijl zich ten noorden van de wijk sportvelden bevinden. Het rechthoekige perceel waarop de kerk is gebouwd tussen de Da Costastraat en de Potgieterstraat wordt verder door twee noord-zuid verlopende straatjes, namelijk de Tollensstraat (aan de oostzijde) en de Genestetstraat (aan de westzijde) begrensd. De kerk staat vrij op dit kavel en wordt aan alle zijden omgeven door een plantsoen. De wijkbebouwing rondom de kerk bestaat overwegend uit rijtjeshuizen van twee bouwlagen met zadeldaken en tuintjes voor de gevels. Deze woningen dateren merendeels uit het tweede kwart van de 20ste eeuw. Het kerkgebouw is ontworpen door de Velpse architect J.G.A. Heineman (1889-1959) in de zakelijke stijl van de jaren 1930 en sluit volkomen aan op de vormgeving van de woonhuizen in de omgeving. Nadat Heineman gewerkt had op het architectenbureau van H.P. Berlage vestigde hij zich in 1917 als zelfstandig architect te Velp. Aanvankelijk legde hij zich toe op landhuizen, maar in de jaren 1930 ontwierp hij ook tal van kerken en scholen, alsmede utiliteitsbouw. Zijn ontwerpen ontwikkelden zich geleidelijk in de richting van de Delftse School. Het zakelijke karakter van de Paasbergkerk blijkt uit de strakke opbouw van de gevels in sobere baksteen met slechts spaarzame detaillering, stalen vensters, etc. De hoofdconstructie van de kerkruimte bestaat bovendien uit een aantal forse spitsboogspanten, gevormd uit stalen H-balken met wapeningsmatten. De ambachtelijke uitstraling van houten deuren met zwaar smeedijzeren beslag wijst in de richting van de Delftse School. Ook de detailleringen van hoofdingangspartij en van de gevels van de voormalige kosterij vertonen reeds de traditionele details van de Delftse school. Wat betreft de uiterlijke verschijningsvorm is het kerkgebouw in gave staat bewaard gebleven. Mede door bewaard gebleven onderdelen uit de bouwtijd in het inwendige, zoals glas-in-lood, betegeling, paneeldeuren en stalen kozijnen geeft het gebouw een goede indruk van de kerkenbouw uit deze periode.

Het kerkgebouw met zijn sobere, maar sterk dominerende hoofd- en kapvormen is het belangrijkste en meest in het oog springende bouwwerk in deze wijk. Vormentaal en materiaalgebruik sluiten geheel aan op die der omringende bebouwing en de sym-metrische opzet van het geheel. In dit opzicht sluit de kerk goed aan bij de typische stedebouwkundige ideeën in het tweede kwart van de 20ste eeuw. Door zijn omvang is de kerk in deze wijk een markant focuspunt. De ligging in de bijbehorende ruime tuin accentueert de positie van het gebouw waarop de omringende huizen met hun voorzijde gericht zijn. Zeker door de aanwezigheid van het geboomte en de oprijlaan met flankerende Japanse kersbomen fungeert de tuin als een markant stadsparkachtig geheel binnen de wijk.

Beschrijving (25-04-1997):

Het gebouw bestaat uit twee rug-aan-rug gelegen forse bouwdelen, waarvan het noordelijke de kerkruimte bevat en het zuidelijke bestaat uit het voormalige gemeentecentrum met kosterij, consistorie en gemeenschapsruimte. De hoog opgaande rechthoekige zaalkerk heeft een steil zadeldak en slecht zeer smalle en lage zijbeuken met lessenaarsdaken (inwendig niet meer dan smalle loopgangen). De iets lagere zuidelijke aanbouw heeft eveneens een fors zadeldak. Zowel oost- als westgevel hebben een rechthoekige uitbouw met topgevel en steekkap. Op de aansluiting van beide hoofdbouwdelen bevindt zich centraal tegen de achtergevel van het kerkschip een vierkante klokkentoren met open lantaarn en vierzijdige spits.

De gevels zijn opgetrokken in bruinrode baksteen in vlaams verband (quasi-handvormsteen). Bouwkundige details zoals onderdorpels, sluitstenen en overige elementen zijn uitgevoerd in kunststeen en hardsteen. Vensters zijn voor het merendeel voorzien van glas-in-lood en stalen kozijnen. Het kerkschip alsmede de lagere achterbouw hebben licht ingeknikte zadeldaken. Alle daken zijn gedekt met gesmoorde romaanse pannen en ballonvorsten. De houten bakgoten hebben een wijde overstek en een geprofileerde bovenlijst. De torenspits is bekleed met koperen platen en wordt bekroond door een smeedijzeren kruis met weerhaan. Aan de zuidzijde van de toren bevindt zich een uurwerk.

De noordgevel (voorgevel): Het brede kerkschip heeft een symmetrisch ingedeelde voorgevel bestaande uit twee bouwlagen met driehoekige topgevel. In de eerste bouwlaag bevindt zich de hoofdingang met aan weerskanten telkens drie vensters. In de bovenste bouwlaag bevinden zich zeven vensters in rondboognissen. De topgevel heeft een centraal geplaatst uurwerk. De centrale ingangspartij bestaat uit een dubbele, houten rondboogdeur met smeedijzeren gehengen in houten kozijn. De onderdorpel en neuten zijn uitgevoerd in hardsteen. De deur bevindt zich in een rondboogportaal met éénmaal inspringende dagkant (twee ½-steensbogen) en kunststenen geboortestenen. Op de rechter steen staat de tekst DEZE STEEN/IS GELEGD/6 FEBR. 1932.

Aan weerskanten van de nis sluiten bakstenen posten aan met kunststenen dekblokken. De nis wordt voorafgegaan door een bakstenen bordes met twee treden. De vensters in de onderste bouwlaag hebben rechte dagkanten en kunststenen lekdorpels en sluitstenen. De rond¬boognissen van de vensters in de tweede bouwlaag hebben rechte dagkanten en kunststenen lekdorpels. De uuraanduiding van het uurwerk is deels uitgevoerd in gele baksteen, deels in blokjes met blauw geschilderde romeinse cijfers.

De zijgevels van het kerkschip: Aan weerskanten van het schip bevinden zich de lage zijbeuken met lage gekoppelde vensters, aansluitend onder het dakoverstek. De zijbeuken sluiten aan de zuidzijde aan op steunberen met kunststenen speklaag en ezelsrug alsmede een leigedekte afzaat. De lichtbeuk van het schip bestaat uit drie reeksen van telkens drie langwerpige vensters. De vensters hebben rechte dagkanten en bakstenen lekdorpels. Aan de bovenzijde bevinden zich dubbel inspringende dagkanten. Uiterst links en rechts bevindt zich een smal rondboogvenster met kunststenen dagkant en lekdorpel. De ramen zijn gevuld met glas-in-lood.

De zijgevels van de kosterij/consistorie etc.: De westgevel heeft een rechthoekige uitbouw met topgevel en zadeldakvormige steekkap met afsteek boven de rechter zijgevel. De bakstenen topgevel sluit af met een rollaag en heeft een ingangspartij met daarboven een klokkenstoel. De houten klokkenstoel heeft een zadeldak dat bekleed is met koper. De ingang bestaat uit een dubbele, houten rondboogdeur met smeedijzeren gehengen, 1-steensboog, kunststenen sluitsteen en duimblokken. Op de ingang sluit een bakstenen bordes aan met drie treden. Links van de uitbouw bevindt zich een boven de gootlijn opgetrokken venster met schilddak, oorspronkelijk gedekt met leien in Maasdekking, thans vervangen door asfaltpapier. Naast dit venster bevindt zich een rondboogingang met houten deur. Rechts naast de uitbouw bevindt zich een onder het dakoverstek aansluitend venstertje. Aan de oostzijde bevindt zich een uitbouw met topgevel en zadeldakvormig steekkap. De topgevel aan de voorzijde heeft ter afsluiting een rollaag en in de oostzijde twee vensters met bakstenen rondbogen en dubbele enkelruits draairamen in houten kozijnen. Aan de zuidzijde bevindt zich eveneens een venster met enkelruits raam. Hier is bovendien de trap die toegang geeft tot de kelderverdieping. Deze grote trap heeft hoge bakstenen zijmuren met rollagen, waarop smeedijzeren hekwerken staan. Rechts van de aanbouw tegen de oostgevel bevindt zich een zelfde door de dakvoet gestoken venster als aan de westzijde, hier echter nog met de oorspronkelijke leibedekking op het schilddakje. Het venster bezit een glas-in-loodraam. Voorts een rondboogingang met houten deur met smeed¬ijzeren beslag, houten kozijn, ½-steensboog en hardstenen neuten en onderdorpel.

De zuidgevel (achtergevel): De imposante zuidgevel heeft een topgevel met symmetrische indeling. In de onderste bouwlaag bevinden zich zes vensters, in de bovenste bouwlaag zijn er vier. De vensters hebben rechte dagkanten, strekken, tegellekdorpels en ijzeren ramen met glas-in-lood (deels in geometrische motieven). Bovenin de topgevel is een oculusvenster. De bovenste bouwlaag en de topgevel zijn van elkaar gescheiden door siermetselwerk in de vorm van vier gekoppelde segmentbogen met kunststenen geboortestenen. In de top een oculusvormig zoldervenster.

De toren heeft in de zuidzijde een klein venstertje. De open klokkenstoel heeft zware houten hoekstijlen met korbelen met zware vellingkanten.

Het interieur: Het kerkschip heeft een spits toelopend houten tongewelf op vier gepleisterde paraboolvormige gordelbogen die ontspringen vanuit lage rechthoekige pijlers. De pijlers zijn uitgevoerd in zwarte bakstenen met een gouden geglazuurde bakstenen lijst. De gordelbogen scheiden de wanden in vijf traveeën waarin zich de lichtbeuk bevindt. De zijbeuken bestaan uit lage vlakgedekte doorgangen met gele bakstenen wanden op een bruine bakstenen plint, gemetseld in klezoorverband. De wanden worden afgesloten door een blauwe geglazuurde lijst die als vensterbank fungeert voor de glas-in-loodramen van de zijbeuksvensters. Het schip sluit via een parabolische triomfboog aan op de "koorpartij" aan de zuidzijde. De triomfboog is uitgevoerd in gele bakstenen met een sierlijst van rode, zwarte en geglazuurde gouden bakstenen die aansluit op de boogopening van het koor. In het koor zijn aan de zuidzijde twee houten rondboogdeuren aanwezig. Tegen de noordwand van het schip bevindt zich de zangtribune waaronder het ingangsportaal aanwezig is. De wand heeft een lambrizering van gele bakstenen en geglazuurde blauwe bakstenen die aansluiten op de wanden van de zijbeuken. Het zuidelijke bouwdeel, omvattende een kosterij, consistorie en zaalruimten (gemeentecentrum), bevat nog diverse oorspronkelijke onderdelen. Onder meer van belang zijn: trap met balustrade van ijzeren spijlen en houten leuning, betegeling, geprofileerde kozijnen met paneeldeuren; vaste kasten met paneeldeuren; houten- en tegelvloeren; de grote zaalruimte in de eerste bouwlaag bevat aardige glas-in-loodramen; deze ruimte kon worden verkleind door houten harmonicadeuren, waarvan nog één reeks bewaard bleef; oorspronkelijke kapconstructies (kerkschip, gemeentecentrum en torenspits).

Inventaris: Van de inventaris zijn de kansel en de glas-in-loodramen nog aanwezig. De eenvoudige houten kansel bestaat uit een veelhoekige kuip met toegangstrap en baldakijn. Aan de voorzijde van het baldakijn bevindt zich de tekst "ZALIG ZIJN DEGENEN DIE HET WOORD GODS HOOREN EN DATZELVE BEWAREN". De vier rondboogramen in het kerkschip bevatten voorstellingen van de Goede Herder, Simeon, Jesaja en Mozes.

In de vensters van de zijbeuken bevindt zich decoratief glaswerk met christelijke motieven waaronder de evangelistensymbolen. Het glas-in-lood is van de hand van J.H.E. Schilling uit Arnhem en uitgevoerd in 1932 (vermelding op raam met roosmotief in zijbeuk). De ramen zijn in 1967 gerestaureerd door het Haarlemse bedrijf Rug N.V.P.W. (vermelding op hetzelfde raam). In het gebouw bevindt zich bovendien een ingemetselde steen met de tekst "IK HEB NU DIT HUIS VERKOREN/EN GEHEILIGD. OPDAT MIJN NAAM DAAR/ZIJ TOT IN EEUWIGHEID. EN MIJNE OOGEN/EN MIJN HART ZULLEN DAAR TE ALLEN/DAGE ZIJN./2 KRON. 7:16/DECEMBER 1932".

De Paasbergkerk wordt omgeven door een tuin met ligusterhagen en geboomte dat voor het merendeel dateert uit de bouwperiode van de kerk. Hieronder bevinden zich berken en coniferen. Bijzonder markant zijn de Japanse kersbomen aan weerskanten van het toegangspad.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur