Handelingen

Veghel, Deken van Miertstraat 8 - Kapel Sint Bernardinusgasthuis

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam object: Kapel Sint Bernardinusgasthuis
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Noord-Brabant
Gemeente: Meierijstad
Plaats: Veghel
Adres: Deken van Miertstraat 8
Postcode: 5461JN
Inventarisatienummer: 08469
Jaar ingebruikname: 1872 (complex); 1939 (nieuwe kapel)
Architect: Pierre Cuypers (1827 - 1921). Johannes van Halteren (1893 - 1973)
Huidige bestemming: kapel
Monument status: Rijksmonument 521263 (complex); 521264 (kapel)

Geschiedenis

Kapel van het Moederhuis van de Zusters Franciscanessen, een groot en belangrijk complex. Diverse uitbreidingen, inclusief een kapel, zijn ontworpen in neorenaissance stijl. De oorspronkelijke kapel is in 1939 vervangen door een grotere, de huidige, kapel naar ontwerp van architect J.J.M. van Halteren.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Het U-vormige KLOOSTER met RECTORAAT werd gebouwd in 1869-1872 naar ontwerp van P.J.H. Cuypers in een voor kloosters gebruikelijke zakelijke Ambachtelijk-Traditionele bouwstijl met invloeden van Neo-Renaissance.

Omschrijving

Het U-vormig kloostercomplex is geheel uitgevoerd in baksteen en heeft een samengesteld mansardedak, gedekt met verbeterde Hollandse pannen. De gevels zijn voorzien van een iets uitstekende plint met een natuurstenen afdekrand en worden verlevendigd door geel geschilderde speklagen. De gevels hebben een verticale geleding door lisenen, aan de bovenkant afgesloten met een tandlijst. De middenvleugel heeft een drie traveeen breed middenrisaliet, drie lagen hoog onder een haaks zadeldak. Dit gedeelte doorsnijdt de langsvleugel en is ook aan de achterzijde herkenbaar. In het midden van het dak is een klein torentje met spits geplaatst. Aan weerszijden van de risaliet is de middenvleugel vijf assen breed en twee lagen hoog. Aan de uiteinden zijn haakse vleugels, iets naar voren ten opzicht van de middenvleugel geplaatst. De eindgevels daarvan zijn drie lagen hoog en drie assen breed. De topgevels van zowel eindgevels van de haakse vleugels als van de middenrisaliet worden bekroond door neo-renaissancistisch gevormde topgevels. De topgevels aan de uiteinden hebben gepleisterde velden met een omlijsting. Daarbinnen is in reliëf "ANNO DNI" en "MDCCCLXXII" weergegeven.

Op de begane grond zijn achtruits ramen aangebracht, op de verdiepingen zijn het zesruits ramen. Alles voorzien van kunststof kozijnen. In de segmentbogen boven de ramen worden de rode bakstenen afgewisseld met geel geverfde bakstenen. Bovendien hebben de boogvelden van de ramen met rondbogen (op de eerste en tweede verdieping van de middenrisaliet en eerste verdieping en in het midden van de tweede verdieping op de kopse gevels, de rest is voorzien van segmentbogen) een mozaïek patroon uitgevoerd in geel geverfde stenen. Onder de ramen zijn hardstenen vensterbanken, doorlopend in waterlijsten aangebracht. De deur in het midden bevindt zich in een klein portiek, ervoor is een natuurstenen trapje geplaatst. De rechterzijvleugel is ingekort tot vier traveeen ten gunste van de nieuwbouw vleugel. Het linkergedeelte is elf vensterassen lang. De ramen van de zijgevels en achtergevel zijn hetzelfde als die in de voorgevel. In de achtergevel, in het midden van de langsvleugel bevindt zich een blokvormige uitbouw onder zadeldak (achterkant van de middenrisaliet). In de hoeken tussen langs- en dwarsvleugels staan ronde traptorentjes met spits. De achterkant van de zijvleugels zijn voorzien van een getrapt fries in de topgevel.

In het interieur van het klooster is de indeling van gangen met kamers bewaard gebleven. De oude buitenmuur, rechts, nu binnenmuur tussen oud- en nieuwbouw, is zichtbaar gebleven. De inrichting en aankleding zijn gemoderniseerd.

Waardering

Het klooster is van algemeen belang, vanwege de cultuurhistorische waarde, het is een uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling, namelijk opkomst en bloei van de katholieke congregaties en is tevens een voorbeeld van de typologische ontwikkeling van het congregatieklooster. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de detaillering, de bouwstijl en plaats die het gebouw inneemt in het oeuvre van de architect Cuypers. Het is gaaf bewaard gebleven.

Kapel

Achter het klooster ligt een grote KAPEL, gebouwd in 1939 naar een ontwerp van architect J.J.M. van Halteren. De kapel is gebouwd in een Traditionalistische stijl. Tegen de achterzijde van de linkervleugel van het klooster is een verbindingsgang, eveneens in Traditionalistische stijl, gebouwd.

Omschrijving

Deze verbindingsgang heeft kleine vierkante raampjes. De kapel is uitgevoerd in bakstenen in kloostermop formaat. De daken zijn gedekt met leien en voorzien van dakkapellen. De kapel heeft een breed middenschip van vijf traveeën onder zadeldak en lage, smalle zijbeuken met lessenaarsdaken. Het koor bestaat uit een travee met driezijdige sluiting en heeft een lagere omgang met steunberen. De koortravee wordt bekroond door een grote vierkante toren met spits, deze domineert het object. De toren is voorzien van kleine hoektorentjes en wordt bekroond door een smeedijzeren kruis met een haan. De transeptarmen zijn recht gesloten. Voor de transepten bevinden zich aan weerszijden van het schip lagere bouwmassa's onder zadeldak. Het voorportaal is iets lager dan het schip. Boven de getoogde dubbele deur is in het boogveld van de spitsboog een zandstenen relief aangebracht. Dit relief is van de hand van A. Meertens en stelt Christus Koning voor die de aanbidding ontvangt van de Heilige Franciscus en de Heilige Clara. In een rand eromheen is de inscriptie: "Door mijn liefde zal ik heersen" aangebracht. De zijgevels worden geleed door steunberen. Daartussen zijn in de zijbeuken en in de lichtbeuk spitsboogramen, gevuld met glas-in-lood geplaatst. In het koor zijn spitsboogramen met een bakstenen vorktracering, gevuld met glas-in-lood aangebracht. In de transepten langgerekte spitsboogramen met glas-in-lood, de topgevels zijn voorzien van vlechtingen.

Het interieur van de kapel verkeert nog in oorspronkelijke staat. Tussen middenschip en zijschepen staan vierkante pijlers met zandstenen kapitelen, bewerkt met reliefs. In het middenschip een spitsbooggewelf, de zijschepen worden overwelfd door bakstenen stergewelven. Het koor heeft een omgang met spitsbooggalerij op smalle zuilen. De gebrandschilderde glas-in-loodramen in het koor zijn van de hand van H. Collen en P. Wiegersma. In het schip werden de ramen ontworpen door T. Dekkers. Zijaltaren zijn uitgerust met opaline-voorstellingen van Jan Mammen. Het kloosterterrein wordt van het aangrenzende kerkhof gescheiden door een lage muur met ezelsrug.

Waardering

De kapel is van algemeen belang, vanwege de cultuurhistorische waarde, het is een uitdrukking van een geestelijke ontwikkeling, namelijk opkomst en bloei van de katholieke congregaties en is tevens een voorbeeld van de typologische ontwikkeling van de kloosterkapel. Het is van architectuurhistorisch belang vanwege de detaillering, de bouwstijl en plaats die het gebouw inneemt in het oeuvre van de architect Van Halteren. De kapel is van belang wegens de gaafheid van het interieur en exterieur.

MIP omschrijving

  • Bouwstijl: Neo-Renaissance
  • Bouwperiode: 1869
  • Gevels en materialen: Machinale baksteen, banden van gele strengperssteen. Hardstenen dorpel- en waterlijsten.
  • Vensters en deuren: Zes- en achtruiters, alle vernieuwd bij renovatie 1989. Voordeur in portiek ca. 1950.
  • Dak en bedekking: Samengesteld dak. Middenrisaliet onder zadeldak, vleugels alle onder mansardedak. Verbeterde Hollandse pan. Frontons met hardstenen lijsten, dakruiter. Dakkapellen met frontons, vernieuwd 1988-'89.
  • Bijgebouwen: Aan achterzijde tegen hoofdgebouw traptorens geplaatst met steile spitsen.
  • Groen: Binnenplaats met sierbestrating en perken.
  • Bijzonderheden: Jaartal 1872 vermeld in zijvleugels, onder architectruur van P.J.H. Cuypers tot stand gekomen.
  • Omschrijving: Centrale gebouw vanaf 1869 opgetrokken. De bouwpastoor van de H. Lambertuskerk, Van Miert, besloot in 1843 tot het oprichten van een congregatie van geestelijken in Veghel. Begeleid door enkele zusters penitenten Recollectinen uit Roosendaal werd te Veghel een congregatie van zusters -onder bescherming van de H. Franciscus van Assisi- opgericht die, geleid door een nicht van Pastoor van Miert, de opvang van ouden van dagen en wezen, de armenzorg en -niet in de laatste plaats- het onderwijs ter hand nam. Achter het Bernardinum is de kloosterkerk gesitueerd, die apart wordt beschreven. Daarachter ligt het kerkhof van de zusters, met in het verlengde het uitgestrekte park met waardevolle boomgroepen.

Afbeeldingen