Handelingen

Veere, Kapellestraat 27 - Kleine Kerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Kleine Kerk
Genootschap: PKN - Protestantse gemeente Veere
Provincie: Zeeland
Gemeente: Veere
Plaats: Veere
Adres: Kapellestraat 27
Postcode: 4351AL
Inventarisatienummer: 14330
Jaar ingebruikname:
Architect:
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 36967

Geschiedenis

De Kleine Kerk is het koor van de Grote Kerk, het is een aparte kerk (Samen op Weg, nu PKN).

De Kleine Kerk is in de eerste helft van de 14e eeuw als driebeukige hallenkerk gebouwd. in 1405 werd begonnen met de aangelegen Grote Kerk. Dertig jaar later werd de scheidsmuur tussen de beide gebouwen doorbroken en diende de kleine kerk als het koor. Blijkbaar was er geen geld meer om een nieuw koor te bouwen. Na de Reformatie in 1572 werden de Grote en de Kleine kerk weer gescheiden. In 1613 werd de noordelijke beuk afgescheiden als kerk (tot 1799) eerst voor de Schotse kooplieden (Veere was een stapelhaven voor Schotse import in de Nederlanden) en daarna de Lutheranen (1800 - 1813). De Nederduits gereformeerden (de hervormden) kerkten in de Grote kerk.

In 1686 ontstond door nalatigheid van de loodgieters brand in de Grote Kerk, waardoor ook de Kleine Kerk beschadigd werd. alleen de muren en zuilen bleven overeind. De beschadiging van de zuilen is nu nog zichtbaar. De Kleine kerk kon in 1699 weer in gebruik worden genomen, toen werden preekstoel, doophek en herenbank aangeschaft. Begin 19e eeuw liep de bevolking van Veere zover terug dat men de Grote Kerk niet meer gebruikte en overdroeg aan het Rijk. In de Napoleontische tijd werden in 1813 de midden- en zuidbeuk van de Kleine Kerk ingericht als kazerne en werden veel grafstenen verwijderd. In 1837 werd de noordbeuk gesloopt, want sloop bracht geld op. De andere beuken dienden voortaan als hervormde, nu protestantse kerk.

In 1942-1950 vond een geleidelijke restauratie plaats en in 1996/1997 opnieuw.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Met de bouw van de hoofdkerk werd in 1479 een aanvang gemaakt door Antonis Keldermans op de plaats van de kerk, die in 1348 tot stand was gekomen en in 1472 tot collegiale was verheven. De bouw werd voortgezet door zijn zoon Rombout volgens contract van 1512. In 1521 kwam de toren op zijn huidige hoogte en in 1543 werd de omgang van het koor overwelfd. De kerk werd in 1597 aan B. de Moucheron verhuurd, brandde in 1686 gedeeltelijk uit, leed in 1809 van het bombardement der Engelsen, die haar vervolgens tot kazerne inrichtte, werd door de Fransen in 1811-1813 tot militair hospitaal ingericht, fungeerde verder als provinciaal bedelaarsgesticht en wordt thans geleidelijk in een betere staat gebracht. Vermoedelijk werd het koor met zijn omgang kort na het voltooien weer afgebroken en werd tegen het dwarspand een lage driebeukige hallenkerk gebouwd, waarvan slechts de midden- en zuiderbeuk behouden zijn. De indrukwekkende. zwaar geschonden kruisbasiliek, welks grondplan twee reeksen vertoont van rechthoekige kapellen, die geopend zijn op de zijbeuktraveeën, is uitwendig geheel met natuursteen bekleed, doch heeft veel van zijn stijlkenmerken verloren door het dichten van de vensters, het teloorgaan der gewelven en het wijzigen van de bedaking. De hoge transeptvensters zijn langs de boogtrommel omgeven door een geprofileerde booglijst, rustende op draagstenen en bekroond door een kruisbloem.

De toren is slechts gedeeltelijk opgetrokken, twee geledingen vormend, en heeft een ingangspartij welke geflankeerd wordt door twee massale traptorens. Aan de zijkanten doorbreekt slechts een enkele diepe nis tussen de rijk gedetailleerde steunberen het muurwerk. Het inwendige is uitgevoerd in de rijpe brabantse trant. De ronde zuilen op achtkant basement vrij los behandelde koolblad- kapitelen en het triforium, nog aanwezig in het dwarspand, bestaat uit een balustrade, gevat in de doorgetrokken raamnissen. Zijbeuken en kapellen waren met kruisribgewelven overdekt, terwijl in schip en dwarspand stergewelven ontworpen waren. De benedenruimte van de toren rust op massale pijlers van een merkwaardige golvende omtreklijn. De lage hallenkerk met driezijdige koorsluitingen, gerestaureerd in 1950, is vermoedelijk in de 2e helft van de 16e eeuw gebouwd met afbraakmateriaal van het koor; ook hier zuilen met koolbladkapitelen. De noordelijke beuk, welke (1614-1799) als Schotsekerk dienst deed, is afgebroken. Aan de noordzijde tegen het dwarspand een lage aanbouw van twee traveeën, overdekt met stergewelven op zeer gedrukte bogen, meest 17e eeuws meubilair; preekstoel, doophek, herenbank en twee lezenaars. Grafmonument met obelisk van Jan van Miggrode (in het begin der 17e eeuw gestorven) uit 1771, vervaardigd door de Zwitser Henrich Schweiter. Kroon uit plm 1600. Orgel met Hoofdwerk en Bovenwerk, in 1855 gebouwd door H.D. Lindsen voor de R.-K. Kerk te Sassenheim. Na een verblijf in Middelburg, werd het orgel in 1928 in Veere geplaatst.

In de media

Uit Reformatorisch Dagblad, 6 mei 2008.

De restauratie van de Kleine Kerk in Veere is voltooid. Vorige week hield de plaatselijke protestantse gemeente voor het eerst weer kerkdiensten in het gebouw. De Kleine Kerk heeft een grote restauratie ondergaan omdat de houten zolderconstructie was aangetast door de bonte knaagkever, houtworm, houtzwam en schimmels. Bij de meeste balken hoefden alleen de koppen vernieuwd te worden. Die waren het ernstigst aangetast omdat op de plek waar ze de muur ingaan, ook vocht voor schade had gezorgd.

De dakconstructie is hersteld door Traas Building Care uit ’s-Gravenpolder. Omdat dit bedrijf tien jaar bestaat, heeft het een groot deel van de kosten van het herstelwerk van de dakconstructie (6000 van de 20.000 euro) op zich genomen.

De totale opknapbeurt voor de Kleine Kerk, die vastzit aan de Grote Kerk (of Domkerk), kostte 140.000 euro. De kerkelijke gemeente kreeg voor de restauratie een subsidie van de gemeente Veere. De kerk heeft ook zelf acties gehouden om geld in te zamelen.

Links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur

Consistorie

Verenigingsgebouw De Korenmaat