Handelingen

Heemstede, Camplaan - Pinksterkerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Pinksterkerk
Genootschap: PKN Gereformeerd
Provincie: Noord-Holland
Gemeente: Heemstede
Plaats: Heemstede
Adres: Camplaan 18
Postcode: 2101GX
Inventarisatienummer: 05581
Jaar ingebruikname: 1957
Architect: Nielsen, Spruit, Kuilen, vd
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 530880

Geschiedenis

Gebouwd als Gereformeerde Kerk. Moderne kerk zonder toren. Architectonisch zeer belangrijk modern kerkgebouw, als zodanig najaar 2007 voorgedragen als Rijksmonument, op de zogenaamde Lijst Plasterk. Tot dan toe niet meer wekelijks voor kerkelijke vieringen in gebruik; meestal vonden de zondagsvieringen plaats in de vlakbij gesitueerde Oude Kerk aan het Wilhelminaplein.

Ongeveer sinds de erkennning in 2007 als belangrijk modern kerkgebouw is de Pinksterkerk geleidelijk de "hoofdkerk" geworden van de Protestantse Gemeente Heemstede, waarin de meeste vieringen plaatsvinden. De Oude Kerk is echter overminderd in gebruik voor (minder frequente) vieringen, maar in toenemende mate ook voor "culturele activiteiten", enz.

De (op het zuiden) gerichte voorgevel aan de Camplaan wordt gedomineerd door de, uit 19 panelen bestaande, glas-in-betonwand van de kerkzaal, waaronder zich vele nevenruimten bevinden. Ook het Kerkelijk Buro van de Protestantse Gemeente Heemstede is hier gevestigd.

Het interieur van deze kerk is gemoderniseerd, met wijziging van de "aandachtswand", en plaatsing van stoelen i.p.v. banken.

Monumentomschrijving Rijksdienst

De in gewapend beton en baksteen opgetrokken PINKSTERKERK dateert uit 1956-1957 en is een ontwerp van architectenbureau Chr. Nielsen (1910-1995) en J.H. Spruit (1910-1988); D. Versloot uit Nieuwerbrug was de aannemer. De bouwkosten beliepen 400.000 gulden inclusief meubilair en glazenier. De kerk is acht meter achter de rooilijn geplaatst op een terrein van circa 24 bij 50 meter en werd in 1957 in gebruik genomen. In typologisch opzicht is sprake van een verdiepingskerk: de kerkzaal staat op een souterrain. In 1992 onderging de Pinksterkerk onder leiding van bureau Piet Koster een renovatie: de hoofdentree werd van de verdieping naar het souterrain verplaatst en fungeert sindsdien als nooduitgang; verder is een ingang voor mindervaliden aangebracht, zijn de kerkbanken verwijderd en werd een lift geplaatst. Het kerkmeubilair was tot 1992 niet in de lengte maar in de breedte van de kerk opgesteld; kansel en doopvont stonden tegen de westmuur. De oorspronkelijke doorrit naar het achtergelegen terrein aan de noordzijde van de Pinksterkerk kwam te vervallen. Ten slotte is in 1992 tegen de achtergevel een lage, platgedekte uitbreiding met de jeugdsoos en een patio tot stand gebracht.

Omschrijving

De PINKSTERKERK heeft een rechthoekige plattegrond en een plat dak. Eén lange zijde (de zuidkant van de rechthoek) grenst aan de Camplaan en vormt de meest in het oog springende partij van het monument: hier bevindt zich boven het souterrain de voormalige hoofdentree met betonnen luifel en dito buitentrap met ijzeren balustrade. Tegen de oostzijde van de buitentrap is een rechthoekige plantenbak geplaatst; de bak is van beton en heeft op de rand een koppenlaag van rode baksteen. Aan de oostzijde vormt een heuphoge, circa 16 meter lange gemetselde muur van rode baksteen de erfscheiding met huisnummer 16a; de muur is afgedekt met een betonnen rand waarop twee parallel in de lengte van de muur geplaatste houten balken op Y-vormige ijzeren steunen zijn geplaatst. De voorgevel van de Pinksterkerk is wat betreft de verdieping ingevuld met zowel figuratief als abstract uitgevoerd glas-in-beton naar ontwerp van Berend Hendriks (1918-1997). In de doorrit is een bijzondere steen met tekst ingemetseld (in kapitaal): "op 3 november 1956 werd de eerste steen gelegd door: Dr. P.J. Richel. V.D.M." Het souterrain is ingedeeld in onder meer hal, buffet, ontmoetingsgruimte, consistorie/predikantenkamer, drie vergaderruimtes, keuken en een hellingbaan voor mindervaliden. Een kleine uitbouw aan de noordzijde van de Pinksterkerk bevat op de parterre een garderobe met toiletten; vanuit de hal voert een betonnen trap met ijzeren leuning naar de verdieping.

Het interieur van de kerkzaal bestaat uit baksteen met geschuurde wanden. Vier verticaal opgestelde stalen H-profielen met vakwerkliggers schragen het houten plafond dat met schrootjes is afgetimmerd. De vakwerkliggers rusten op de noordwand waarin, onder de dakrand, een vensterstrook is aangebracht. De glaswand aan de zuidzijde van de kerkzaal naar ontwerp van Berend Hendriks verbeeldt het Pinksterverhaal; deze glaswand wordt over de gehele hoogte door middel van betonnen pijlers in 19 vakken verdeeld waarbinnen kleurig glas-in-beton is opgenomen. Het gevarieerde coloriet en de verschillende dikten van het glas bezorgen, afhankelijk van het tijdstip van de dag en het heersende seizoen, het kerkinterieur een boeiende atmosfeer met wisselende stemmingen. Tegen de westelijke muur van de kerkzaal is een samengesteld, natuurstenen reliëf van grijze, glad geschuurde natuursteen op een blauw-groen fond aangebracht; het reliëf stelt een engel in orantenhouding voor. Het Berg en Wendtorgel maakt wegens onvoldoende monumentale waarde geen deel uit van de wettelijke bescherming.

Waardering

De PINKSTERKERK, gebouwd in 1956-1957 naar ontwerp van architectenbureau Nielsen en Spruit vertegenwoordigt algemeen belang wegens:

  • de cultuurhistorische waarde, want de Pinksterkerk geldt als gave en exemplarische contemporaine uitdrukking van een levensovertuiging die in de tweede helft van de twintigste eeuw een belangrijke maatschappelijke rol in ons land heeft gespeeld;
  • de architectuurhistorische waarde, want in typologisch opzicht, als verdiepingskerk, vormt de Pinksterkerk een goed voorbeeld uit het latere werk van architectenbureau Nielsen en Spruit;
  • het architectuurhistorisch belang, want de Pinksterkerk geldt als een essentieel toonbeeld uit de periode van de Wederopbouw (1940-1965);
  • de kunsthistorische waarde want de Pinksterkerk bevat in de zuidgevel van de kerkzaal het opus magnum uit het oeuvre van ontwerper Berend Hendriks, zijnde de gaaf bewaarde en zeldzame glas-in-betonwand met een voorstelling van het Pinksterverhaal;
  • de bouwhistorische waarde, want de glaswand is in ons land een zeer vroeg voorbeeld van een techniek die bekend staat als glas-in-beton, een techniek die in 1929 voor het eerst werd toegepast door Louis Mazetière;
  • de gaafheid en zeldzaamheid van de Pinksterkerk wat betreft de behouden gebleven hoofdvorm en de constructie.


Gebouwomschrijving SKKN

De kerk werd gebouwd in 1957, naar ontwerpen van Nielsen, Spruit en Van der Kuilen. Het is een zg. bovenkerk, met een aantal zalen. Het meest kenmerkend voor het gebouw zijn de glas-in-beton ramen door Berend Hendriks. Deze behoren met de ramen in de Koningskerk, Amsterdam-Watergraafsmeer, tot het belangrijkste van zijn oeuvre, en tot het belangrijkste van de na-oorlogse glazenierskunst in ons land. Ook exterieur bepaalt de glas-in-beton wand het aanzicht van de kerk. Blijkbaar heeft de kerk rond 1992 een herstelbeurt gehad.

Orgel

Het orgel is in 1966 gebouwd door de firma Van den Berg & Wendt (Zwolle en Nijmegen). Adviseur is Jan Pasveer.

Dispositie
  • Hoofdwerk (manuaal 1): Prestant 8' - Roerfluit 8' - Octaaf 4' - Octaaf 2' - Mixtuur 1⅓' 4 sterk - Trompet 8'.
  • Bovenwerk (manuaal 2): Holpijp 8' - Gemshoorn 8' - Prestant 4' - Roerfluit 4' - Gemshoorn 2' - Sifflet 1' - Cymbel 1-2 sterk - Kromhoorn 8' - Tremulant.
  • Pedaal: Subbas 16' - Prestant 8' - Quintadeen 4' - Fagot 16'.
  • Koppelingen: Hoofdwerk aan Pedaal - Bovenwerk aan Pedaal - Bovenwerk aan Hoofdwerk.

Mechanische sleepladen. Manuaalomvang: C-g3. Pedaalomvang: C-f1.

Externe links


Afbeeldingen