Handelingen

Doesburg, Kerkstraat 4 - Grote- of Martinikerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Grote- of Martinikerk
Genootschap: PKN Protestantse gemeente Angerlo - Doesburg
Provincie: Gelderland
Gemeente: Doesburg
Plaats: Doesburg
Adres: Kerkstraat 4
Postcode: 6981CM
Jaar ingebruikname: 14 e
Architect:
Huidige bestemming: protestantse kerk
Monument status: Rijksmonument 12981 (kerk);
12982(Toren)
Sonneveld-index:

Geschiedenis

Kerkgebouw van de Hervormde Gemeente te Doesburg. Indrukwekkende laatgotische basiliek met pijlers in Nederrijnse trant. Gebouwd ca. 1490 - 1530. De 95 meter hoge toren (één van de 10 hoogste in Nederland) werd op 15 april 1945 door de bezetter opgeblazen, waarbij ook de kerk zwaar werd beschadigd. Na decennialange restauratiewerkzaamheden werden toren en kerk in 1965 en 1972 weer in gebruik genomen. De beiaard - met o.a. Hemony klokken - dateert in oorsprong van 1655, de grote luidklok van 1649. Kerk van de Protestantse Gemeente te Angerlo/Doesburg.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Kerk

Hervormde of St. Maartenskerk. Driebeukige, laatgotische basiliek van het Nederrijnse type, zonder transept en met koor zonder omgang. Inwendig hoofdbeuk met houten, zijbeuk met stenen netgewelven en cilindervormige pijlers. Sacristie tegen de zuiderzijbeuk bij het koor; portalen onder de toren en in de zijbeuken, waarvan de zuidelijke met goede sculptuur (o.a. geestige zwikvullingen). Bouwtijd: XVId-XVIa (koor 1517-'21). De kerk en met name de toren is diverse keren door brand getroffen: in 1483, in 1547 (blikseminslag), in 1672 (de Fransen), in 1717 (blikseminslag). Zeer zware oorlogsschade in 1945. Restauratie: 1919-1930 onder W. te Riele en N. de Wolf. Sinds de oorlog andermaal hersteld. De zijbeuken lopen van naast de toren tot naast het koor en hebben stenen netgewelven. Het schip had deze oorspronkelijk ook, maar die zijn in 1888 vervangen door houten gewelven. Inventaris: preekstoel, doophek, gestoelten, grafzerken, alles XVII B. In de zuidelijke zijbeuk een vermoedelijk 15de eeuwse muurschildering van de heilige Agnes en in het koor gewelfschilderingen van ca 1530. Hoofdorgel met vier manualen en pedaal, in 1916 gebouwd door E.F. Walcker & Cie. (Ludwigsburg) voor de voormalige gereformeerde Nieuwe Zuiderkerk te Rotterdam.

Toren

Toren van de Ned. Herv. Kerk. Zeer mooie met tufsteen beklede toren van drie geledingen met getraceerde nissen en overhoekse steunberen, gekroond door slanke naaldspits. Herbouwd in 1967. Klokkenstoel met gelui van drie klokken, waarvan één van A. Hachman, 1549, diam. 140 cm., één van P. van Trier, J. Philipsen en W. Evers, 1639, diam. 134 cm. en een moderne klok. Modern klokkenspel, bestaande uit 47 klokken, waarvan 8 van F. en P. Hemony, 1654-1655 en 39 moderne klokken.

Orgels

Walcker-orgel

Op 29 maart 1916 werd in de Gereformeerde Nieuwe Zuiderkerk in Rotterdam dit Walcker-orgel in gebruik genomen. Het orgel werd gebouwd onder advies van de schenker, de heer Hendrik Bos Kzn. en heer J.H. Besselaar jr., organist van de kerk. Het is gebouwd tussen 1914 en 1916 door E.F. Walcker & Co. uit Ludwigsburg als hun opus 1855. Het front is ontworpen door Tjeerd Kuipers, tevens architect van het kerkgebouw. Het pijpwerk van het tweede en derde manuaal staat opgesteld in een zwelkast. Het vierde manuaal was uitgevoerd als Fernwerk: het pijpwerk stond in een aparte ruimte van 3.90 meter hoog, en 2.40 meter breed, boven het orgel en het kerkgewelf. Via een 20 meter lang kanaal kwam het geluid de kerkruimte binnen door een gewelfrozet. Het oorspronkelijk pneumatische orgel is tussen 1964 en 1967 gerestaureerd door de firma Fonteijn & Gaal. De tractuur werd voor 90% electro-pneumatisch gemaakt. In 1969 werd de Nieuwe Zuiderkerk gesloten. Kort daarna is het gebouw afgebroken. Het orgel is bij een openbare verkoop op 20 november 1968 verkocht aan de Nederlands Hervormde Gemeente te Doesburg. Ir. A.M. de Boom heeft er persoonlijk voor geijverd dat het orgel niet onder de slopershamer zou verdwijnen. De Grote of Martinikerk in Doesburg was in de Tweede Wereldoorlog grotendeels verwoest, toen de Duitse bezetters op 15 april 1945 de toren opbliezen. Het orgel van E. van Gelder & Zn. uit 1828 ging hierdoor ook verloren. In 1953 plaatste Flentrop een orgel in het gespaarde koor van de kerk. De wederopbouw van het schip en de toren startte in 1959. Toen de herbouw al een eind gevorderd was, besloot men een tweedehands orgel te zoeken dat goed bij de ruimte zou passen, omdat er geen geld was voor nieuwbouw. In 1968 kocht men het Walcker-orgel van de Nieuwe Zuiderkerk in Rotterdam, ondanks de kritiek op dit besluit vanuit de Hervormde Orgelcommissie. De firma Vermeulen uit Alkmaar kreeg de opdracht het orgel te herstellen en op te bouwen in Doesburg. Zij demonteerden het instrument in 1969 in Rotterdam en startten in oktober 1971 met de opbouw in Doesburg. Omdat het niet mogelijk was het oorspronkelijke Fernwerk te realiseren, werd dit als een echo-kroonwerk in de top van het orgel geplaatst. Op 31 augustus 1972 kon het instrument tegelijk met de geheel herstelde kerk weer in gebruik worden genomen. Het werd bij deze gelegenheid bespeeld door Koos Bons en door drie leerlingen van Piet van den Kerkhoff, de laatste organist van het instrument in Rotterdam, te weten Aad van der Hoeven, Jet Dubbeldam en Addie de Jong. Na dertig jaar in Doesburg te hebben gefunctioneerd was een grondige revisie noodzakelijk. Op 5 september 2002 werd het laatste concert gegeven voor een restauratie van bijna een jaar. De firma Flentrop kreeg de opdracht voor de werkzaamheden. Op 12 juni 2003 is het instrument weer in gebruik genomen met een concert door Leo van Doeselaar.

Koororgel

Op 15 april 1945 bliezen de Duitsers de toren van de Martinikerk in Doesburg op, waardoor het middenschip grotendeels werd verwoest. Ook het orgel van E. van Gelder & Zn. uit 1828 ging verloren. In 1953 plaatste Flentrop een orgel in het koor van de kerk, dat inmiddels weer in gebruik was genomen. Een bijzonderheid is dat de pijpen van de Musette 8' voor de koperen frontpijpen staan opgesteld. In 2001 is het instrument door de firma Flentrop gereviseerd. Het oorspronkelijke plan was het koororgel na herstel van het gehele kerkgebouw als rugwerk zou worden geplaatst voor een nieuw hoofdorgel. Het rugwerk zou dan ook een eigen speeltafel krijgen, en geplaatst worden op een onderste galerij, waar ook het koor kwam te staan, terwijl hoofdwerk en pedaal op de bovenste galerij zouden worden geplaatst. Deze plannen zijn nooit uitgevoerd.

Kabinetorgel

In 1958 ontdekte Maarten Kooy een oud kabinetorgel op een boerderij in Middelstum. Het instrument stond als kast in de kamer, maar was al zeer lang niet meer bespeeld. De mechaniek functioneerde nog wel, maar het pijpwerk sprak niet meer. De bouwer en het bouwjaar waren onbekend. Het orgel werd gekocht door de familie J.W. Vermeulen, waarna het tijdelijk is opgesteld in de Oude Kerk te Soest. Na schoonmaak kon het weer worden gebruikt. Bijzonder is het dat het na de bouw nooit meer is gewijzigd. Tijdens de restauratie van de kerk in Soest raakte het echter in slechte staat door de verwarming in de kerk. In 1961 startte een restauratie door de firma De Koff, terwijl de kas werd gereviseerd door de heer Van den Ende uit Schoonhoven. Het orgel kreeg ook een windmotor, die in een bijpassende kast werd geplaatst. In september 1961 kreeg het instrument een plek in het huis van de familie Vermeulen in Baarn. Adviseur bij de restauratie was H.L. Oussoren namens monumentenzorg. Bij de ingebruikname op 12 mei 1962 is het bespeeld door Maarten Kooy en Klaas Bolt. De leeftijd en de bouwer bleven onbekend. A.J. Gierveld onderzocht het instrument nauwkeurig en concludeerde dat het met zekerheid was gebouwd door H.H. Freytag. Het bouwjaar ligt tussen 1800 en 1805. Het is het meest oorspronkelijke orgel van deze bouwer dat er bewaard is gebleven. De familie Vermeulen verhuisde in 1976 naar Zuid-Frankrijk. Omdat het orgel in Nederland moest blijven bleef het ongebruikt in hun voormalige woning staan, die tot kantoor was verbouwd. Op initiatief van de Baarnse Muziekkring is het in 1985 door Van Vulpen in de Mamuchetzaal van kasteel Groenestein in Baarn geplaatst. Hier is het op 15 december 1985 in gebruik genomen met een feestelijk concert door Gert Muts, waaraan mee werd gewerkt door twee hoornisten en een hoboïst. Omdat het orgel hier nauwelijks gebruikt werd besloot de eigenaar het over te plaatsen naar de Grote Kerk in Doesburg. Het is in de loop van 2003 geplaatst.

Het kabinetorgel is beschadigd geraakt als gevolg van een inbraak in de nacht van 26 op 27 februari 2021. The kast is met geweld opengebroken.

Externe links

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur