Handelingen

Bergambacht, Kerksingel 2 - Grote of St. Laurentiuskerk

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Grote of St. Laurentiuskerk
Genootschap: PKN Hervormde Gemeente Bergambacht
Provincie: Zuid-Holland
Gemeente: Krimpenerwaard
Plaats: Bergambacht
Adres: Kerksingel 2
Postcode: 2861AG
Inventarisatienummer: 01570
Jaar ingebruikname: 16e
Architect:
Huidige bestemming: hervormde kerk
Monument status: Rijksmonument 9008 (kerk); 9009 (toren)

Geschiedenis

Historische dorpskerk met flinke toren. Oorspronkelijk gewijd aan St. Laurentius.

De oudste delen van de kerk dateren uit het jaar 1450. Toen werd er op een natuurlijke zandterp een eenvoudige romaanse zaalkerk gebouwd. In het jaar 1512 werd het dorp door de Geldersen in de brand gestoken. De kerk werd zwaar beschadigd. Herstel volgde. Tevens werd er een gotisch koor aan de kerk gebouwd. In de eerste helft van de 17e eeuw werd de kerk uitgebreid met een noorder- en zuiderkapel. De kerk werd op 1 augustus 1874 getroffen door een, over heel ons land trekkende, zware orkaan. Het gebouw werd zwaar beschadigd. Het schip van de kerk en de noorder- en zuiderkapel werden hersteld. Het totaal verwoeste koor werd niet herbouwd. Na het herstel kreeg de kerk zijn huidige vorm. De restauratie van de kerk kwam in 1683 gereed. Een felle brand woedde er in 1891. De kerk werd weer in oude luister hersteld. De zuidermuur moest deels vervangen worden door nieuwe waalsteen. In 1972 werd de fraaie kerk gerestaureerd.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Kerk

Hervormde kerk. Op een hoogte gelegen, in oorsprong middeleeuwse eenbeukige kerk met twee als transeptarmen fungerende zijkapellen. Het koor is aan het eind van de 17de eeuw afgebroken. De kerk is overwegend van geel-rode baksteen opgetrokken. De dakvlakken zijn met leien in Maasdekking belegd. Zij heeft een zware westtoren uit het begin van de 16e eeuw. Het oudste kerkgebouw op deze plaats kwam in het begin van de 14de eeuw tot stand. Van deze eenbeukige kerk met smaller koor resteert aan de noordzijde onder de waterlijst nog enig muurwerk. In de 15de eeuw werd de kerk vergroot en uitgebreid met een vijfzijdig gesloten koor, een sacristie en een kapel aan de zuidkant. In het begin van de 16de eeuw kwam de noorderkapel tot stand, die in 1616 tot grafkapel werd vergroot. Tengevolge van een storm in 1674 stortte het koor in. Het werd niet weer opgebouwd. De voormalige triomfboog tussen schip en koor werd dicht gezet. Na een brand in 1891 is de kerk herbouwd met gebruikmaking van het oude muurwerk. Bij een restauratie van de kerk tussen 1972 en 1975 heeft men muurwerk en vensters in gotische trant gereconstrueerd op basis van vondsten in het werk. Aan de noordgevel zijn metseltekens in de vorm van kruisen en ruitpatronen zichtbaar. Van de oorspronkelijke inventaris resteren enkele grafzerken, onder andere die van ambachtsheer Jacobus Magnus uit 1625. Deze zerk is in de noorderkapel opgesteld. Koperen doopbekkenhouder, bestaande uit acht straalsgewijs geplaatste platte staven met balusters, afgesloten met een band, op draaibare, voluutvormige arm, XVIIB. Koperen preekstoellezenaar, bestaande uit bladwerk rond een verticaal motief van bloemkelk en papaverbollen. De lezenaar is met de preekstoel verbonden via een niet draaibare, gebogen arm die aan een kant uitloop in een gestileerde bloemkelk en aan de andere kant in een acanthusbladmotief, XVIIB. Avondmaalszilver, bestaande uit een beker uit 1631, twee bekers uit 1653, geschonken door de ambachtsvrouwe en een beker uit het midden van de 17de eeuw. Voorts een avondmaalsstel bestaande uit een grote schotel, twee kleine schotels en twee kannen, geschonken door Pieter Smits in 1857. Zilveren doopbekken, geschonken in 1860 door de ambachtsheer. Kerkgebouw met inventarisstukken van belang uit een oogpunt van architectuurhistorie.

Toren

Tegen het kerkgebouw staat een zware westtoren uit het begin van de 16de eeuw. De van forse haakse steunberen voorziene toren telt drie geledingen en een spits. De toren is opgetrokken van baksteen en versierd met nissen en pinakels op de steunberen en met Gobertanger banden en hoekblokken op het torenlichaam. Het ingangsportaal met gedrukte boog is omlijst met Namense steen. De toren werd waarschijnlijk kort na 1513 gebouwd in de trant van de Kempische gotiek. In 1891 brandde de klokkenverdieping af. Deze werd in neogotische vorm herbouwd. Tussen 1960 en 1965 werd de toren gerestaureerd, waarbij onder andere de bekroning uit 1891 vervangen werd door een opzetstuk met pyramidale spits naar oude afbeeldingen. Kerktoren van belang uit een oogpunt van architectuurhistorie. Mechanisch torenuurwerk, B. Eijsbouts, circa 1930, van oorsprong voorzien van elektrische opwinding.

Orgel

In 1904 bouwt de firma Gabry & Zoon (Gouda) een orgel met één manuaal en aangehangen pedaal. Het heeft dan tien stemmen. In 1973-1974 bouwt J. Hoogenes (Waalwijk) in de orgelkas uit 1904 een nieuw orgel, waarbij hij het pijpwerk van enkele registers van Gabry opnieuw gebruikt. Adviseur is Jan Bonefaas (Gorinchem). De klankkwaliteit en de constructie van het orgel blijken vervolgens dusdanig teleurstellend dat reeds binnen tien jaar ingrijpende maatregelen nodig zijn. In 1983 voert de firma Pels & Van Leeuwen ('s-Hertogenbosch) herstelwerkzaamheden uit, reorganiseert de opbouw van het orgel en intoneert het pijpwerk opnieuw. Het instrument is Rijksmonument.

Dispositie
  • Hoofdwerk (manuaal 1): Prestant 8' - Roerfluit 8' - Octaaf 4' - Gedekte fluit 4' - Octaaf 2' - Mixtuur 1⅓' 4 sterk - Cornet 8' 5 sterk discant (1904) - Trompet 8'.
  • Zwelwerk (manuaal 2): Prestant 8' - Holpijp 8' (1904) - Gamba 8' (1904) - Octaaf 4' (1904) - Roerfluit 4' - Nasard 2⅔' - Woudfluit 2' - Mixtuur 3 sterk - Echotrompet 16' - Hobo 8' - Tremulant.
  • Pedaal: Subbas 16' - Gedekt 8' - Roerquint 5⅓' - Octaaf 4' - Fagot 16'.
  • Koppelingen: Hoofdwerk aan Pedaal - Zwelwerk aan Pedaal - Zwelwerk aan Hoofdwerk.

Mechanische sleepladen. Manuaalomvang: C-f3. Pedaalomvang: C-f1.

Externe links

Afbeeldingen

Interieur