Handelingen

Overasselt, Hoogstraat 9 - Antonius Abt

Uit Reliwiki

Versie door Rijk0399 (Overleg | bijdragen) op 19 nov 2020 om 14:00 (Afbeelding)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Anthonius Abt
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Gelderland
Gemeente: Heumen
Plaats: Overasselt
Adres: Hoogstraat 9
Postcode: 6611BT
Inventarisatienummer:
Jaar ingebruikname: 1891
Architect: Weber, C.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument 523921 (kerk); 523922 (pastorie)


Geschiedenis

De huidige, neoromaanse St. Anthonius Abtkerk te Overasselt behoort tot de karakteristieke werken uit de latere periode van het oeuvre van de architect Carl Weber, waarbij hij teruggreep op de laatromaanse bouwkunst in het Rijnland.

Monumentomschrijving Rijksdienst

Omschrijving

Deze aan Sint Antonius Abt toegewijde rooms-katholieke PAROCHIEKERK is in 1891 gebouwd naar ontwerp van architect C. Weber (1820-1908) in neoromaanse-stijl. De kerk is van het TYPE kruisbasiliek met een westwerk, een kort driebeukig schip, een absidiaal gesloten transept, een koor met recht gesloten zijkapellen en een vijfzijdige koorsluiting. Het westwerk heeft in afwijking van het oorspronkelijke plan alleen op de noordwestelijke hoek een klokkentoren. Op de andere hoek bevindt zich een lage doopkapel. De eenlaags sacristie met plat dak is geprojecteerd tegen de zuidoost-zijde van de koorsluiting. Het DAK van het middenschip, het transept en het koor bestaat uit twee elkaar kruisende zadeldaken met dezelfde nokhoogte. Op de kruising van de nokken is een smeedijzeren kruis geplaatst. Voornoemde daken, alsmede de lessenaardaken van de zijbeuken en -kapellen, de vijfzijdige daken van de absiden en de achtzijdige naaldspits van de klokkentoren zijn gedekt met leien in Maasdekking. De naaldspits wordt bekroond door een smeedijzeren torenkruis met weerhaan. De afwatering geschiedt via op de uitgemetselde muur gelegde goten. In de daken van het middenschip en de absiden zijn dakkapellen geplaatst: houten zolderluik, vierpas in geveltop, aangekapt zadeldak met leien.

De bakstenen GEVELS met uitgemetseld trasraam zijn opgetrokken in kruisverband en worden afgesloten door een sierlijst van meerdere blok- en/of muizetandlijsten. De gevels hebben een sterke geleding met versneden steunberen, lisenen, spaarvelden, waterslag- en cordonlijsten, rondboogfriezen en -nissen. Diverse elementen zoals afzaten, de plint van de voorgevel, waterslag- en afdeklijsten, aanzet- en kraagstenen zijn uitgevoerd in natuursteen.

De horizontale geleding van de rechthoekige TOREN correspondeert met de opbouw van het schip (zijbeuk/lessenaardak/lichtbeuk/middenschipdak). Naar boven toe ontwikkelt de indeling per verdieping zich van grof naar fijn. De bovenste achtzijdige klokkenverdieping steekt boven het dak van het middenschip uit. De overgang van vierkant naar achthoek is gerealiseerd met een getrapte hoekopvulling van hardsteen. Alle zijden van de klokkenverdieping hebben een rondboogvormig galmgat met houten schoepen en worden afgesloten door een gemetselde puntgevel. Vier zijden zijn voorzien van een uurwerk.

Het merendeel van de uitgespaarde MUUROPENINGEN betreft rondboogvensters en oculi in diverse afmetingen. De lichtbeuk van middenschip bestaat uit drie gekoppelde rondboogvenster en één oculus per travee. De symmetrisch ingedeelde voorgevel heeft een ondiep portaal, waarin een eikenhouten vleugeldeur met smeedijzeren beslag (bloemrank-motief) en een rondboogvormig bovenlicht. De dorpel, hoekzuiltjes, latei en archivoltblokken zijn uitgevoerd in hardsteen. De bovenliggende verdieping is voorzien van een groot rond venster.

De RUIMTELIJKE INDELING van de kerk bestaat uit een ondiep westwerk (voorhal met zangerstribune, flankerende toren en doopkapel); een driebeukig schip van twee traveeën; een ruime viering met korte absidiaal gesloten transeptarmen; één ondiepe koortravee met recht gesloten zijkapellen; een vijfzijdige koorsluiting. De koor- en transeptabsiden zijn uitwendig polygonaal en inwendig halfrond gesloten. Het hoofdaltaar is vooruitgeschoven tot in de viering en geplaatst op een niet oorspronkelijke verhoging.

De sterk gelede WANDOPBOUW bestaat uit een alternering van om en om een pijler en een zuil. Hierop rust een rondboogarcade die per travee wordt omvat door een muraalboog. Boven de muraalboog bevindt zich een ritmisch rondboogfries (2/1/2) en de lichtbeuk (per drie gekoppelde rondboogvensters en open en blinde oculi). De geleding van de wanden wordt nog versterkt door een, op het schoon metselwerk aangebrachte, bonte polychromie uit de jaren 1900-1902. De zuilen zijn geplaatst op cirkelvormige basementen van hardsteen en hebben een zwart marmeren schacht, een bladkapiteel en een hardstenen impost. De rechthoekige gemetselde pijlers zijn geplaatst op hardstenen basementen en hebben zwart marmeren colonetten tegen de zijden. Vanaf de pijlers schieten pilasters omhoog ter ondersteuning van de gordelbogen. De gemetselde koepelgewelven van het middenschip corresponderen aan weerszijden met twee vierdelige graatgewelven (gebonden stelsel). De hoger opgetrokken koepel van de viering rust op pendentieven en wordt geflankeerd door vierdelige kruisribgewelven in de transeptarmen en het koor. De kerk bezit een groot aantal oorspronkelijke INTERIEURELEMENTEN, zoals een hardstenen vloer (1895), enkele gepolychromeerde houten beelden en dito triomfkruis van J. Thissen (ca. 1900), op doek geschilderde kruiswegstaties van F. Knirsch (1914), de zandstenen mensa van het hoogaltaar (ca. 1891) en diverse muurschilderingen van onder andere de 12 apostelen in het koor; Anna, Theresia van Lisieux, Lambertus en Gijsbertus in het transept; de vier evangelisten met hun symbolen op de pendentieven van de vieringskoepel; en taferelen uit het leven van Antonius Abt in medaillons in het schip. Ook het oorspronkelijke bankenplan is nog aanwezig. Uit andere kerken afkomstig zijn onder andere twee eikehouten biechtstoelen met boogfronton en festoenen (ca. 1850), en een zandstenen preekstoel met drie reliëfs op de ronde kuip en rond houten klankbord (ca. 1900).

Waardering

Rooms-katholieke PAROCHIEKERK, gewijd aan Sint Antonius Abt.

- Van architectuurhistorische waarde als typologisch goed en gaaf voorbeeld in in- en exterieur van een in neoromaanse stijl uitgevoerde kruisbasiliek uit 1891 naar ontwerp van architect C. WEBER (1820-1908). Als neoromaanse kruisbasiliek met koepelgewelven en een enigszins centraliserende ruimtelijke werking is de Overasseltse kerk een goed voorbeeld van diens laatste en meest vermaarde werk uit de laatste twee decennia van de 19de eeuw. In deze door de neogotiek overheerste periode heeft een neoromaanse kruisbasiliek met interieurkoepels en klaverbladvormige plattegrond typologische en stilistische zeldzaamheidswaarde. De kerk valt op door een opeenstapeling van geledingsmotieven in de wandopbouw en door de bonte polychromie van het schoon metselwerk en de schilderingen in het interieur.

- Van stedenbouwkundige waarde als essentieel onderdeel van het rooms-katholieke parochiecomplex in de dorpskern van Overasselt. Door haar hoogte en silhouet is de kerk van bijzondere betekenis voor het aanzien van het dorp en wijde omgeving.

- Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van het herstel van de 16de eeuwse parochie-indeling, in casu de splitsing van Neder- en Overasselt, en verbonden met het religieuze bewustzijn van de plaatselijke rooms-katholieke gemeenschap in het laatste kwart van de 19de eeuw.

Afbeelding

Kerkhofkapel

Omschrijving

Deze kerkhof-KAPEL op vierkant grondplan bestaat uit een gemetselde verhoging met altaar en vier zuilen die een hoofdgestel met zadeldak ondersteunen. Het bouwwerk werd in de periode 1925-1935 gebouwd in opdracht van pastoor Van Riel.

De gemetselde verhoging biedt in de zijden plaats aan negen graven. Hiervan zijn er twee benut: aan de voorzijde het graf van pastoor Van Riel (1945) en aan de linker zijde het graf van G. Willems (1968), bouwer van deze kapel. Aan de linker en rechter zijde leidt een gemetseld trapje omhoog. Op de verhoging is een bakstenen rustaltaar voor het H. Sacrament geplaatst. Midden op het altaar staat een houten kruis met stenen corpus.

In de uitgespaarde hoeken van de gemetselde verhoging staan vier vrijstaande Toscaanse zuilen op hoge voetstukken. De zuilen zijn afkomstig van het kasteel te Wezel. De zuilen dragen een vlak hoofdgestel van beton. Het afsluitende dak bestaat uit een zadeldak tussen topgevels. Het dak is gedekt met schubvormige leien. De wit gepleisterde puntgevels aan de voor- en achterzijde zijn voorzien van het Christusmonogram en het alpha- en omegateken. De geveltop aan de voorzijde wordt bekroond door een ijzeren kruis.

Waardering

Kerkhof-KAPEL uit ca. 1925-1935.

- Van architectuur- en cultuurhistorische waarde als typologisch goed voorbeeld van een prominent op een kerkhof gesitueerde grote kapel die dient als laatste rustplaats voor pastoors en tevens voorzien is van een altaar ten behoeve van de sacramentsprocessie. Opmerkelijk voor een rooms-katholieke kapel is de klassieke verschijningsvorm. De kapel is van belang als bijzondere uitdrukking van het religieuze bewustzijn van de overwegend rooms katholieke gemeenschap ter plaatse.

- Van stedenbouwkundige waarde vanwege de markante situering op het kerkhof en als onderdeel van een rooms katholiek parochiecomplex waaromheen het centrum van het dorp zich heeft gevormd.