Handelingen

Hasselt, Eiland 22 - Stephanus

Uit Reliwiki


Bezig met het laden van de kaart...
Algemene gegevens
Naam kerk: Stephanus
Genootschap: Rooms Katholieke Kerk
Provincie: Overijssel
Gemeente: Zwartewaterland
Plaats: Hasselt
Adres: Eiland 22
Postcode: 8061HT
Inventarisatienummer: 10244
Jaar ingebruikname: 1933
Architect: Ruberg, G.
Huidige bestemming: kerk
Monument status: Rijksmonument
Monumentenbordje 2014.jpg
508111


Geschiedenis

Belangrijke interbellumkerk met toren.

De plek waarop de huidige kerk staat is bijzonder en wordt van oudsher 'de Heilige Stede' genoemd. Als u op de luchtfoto (Google) kijkt, ziet u in de schaduw van de kerk een onderbroken segment van een cirkel. Dit cirkelsegment ligt als een verhoging tegen de noordzijde van deze kerk. Dit segment lijkt een deel te zijn van het heuveltje waarop de middeleeuwse kerk gestaan heeft.

Er zijn meerdere verhalen bekend over het ontstaan van deze 'Heilige Stede'. Deze verhalen zijn alle terug te voeren naar het verhaal van de bekende middeleeuwse monnik Caesarius van Heisterbach. In zijn Dialogus Miraculorem schrijft hij in het Latijn een verhaal over een Pugil (vuist). In sommige gevallen is dit woord vertaald in Kampvechter. Prof. Gosses, een kenner van de Friese historie, constateert in zijn studie dat onder Pugil ook een recht sprekende edelman verstaan kan worden. De interpretatie dat een pugil een kampvechter is heeft geleid tot het eerste verhaal. Het feit dat het om een recht sprekende edelman zou gaan heeft geleid tot het tweede verhaal.

In 1217 was er in Friesland een kampvechter die erg veel dronk (niet alleen water) en als hij thuis kwam sloeg hij zijn vrouw en roste haar af. De vrouw werd bang voor haar man en hield zich op een dag ziek toen men haar "Het Lichaam des Heeren", wilde geven. De priester kwam en de kampvechter bood hem een beker bier aan. De priester weigerde dit. De kampvechter sloeg toen de priester op dusdanige wijze dat de beker met de hostiën uit zijn handen viel. De kampvechter werd in de ban gedaan. Hij trok naar Rome naar de paus om boete te doen. Als straf zou toen een deel van Friesland onder water gelopen zijn in 1218 (De St. Marcellusvloed). De beker zou door het water weggespoeld zijn en ergens op een plaats aangespoeld zijn. Op die plek bouwde men een kapel. Men vermoedt dat dit de plaats van de Heilige Stede is.

(bron: [[1]]

Een andere uitleg:

Op deze plaats bevond zich in de middeleeuwen een woning van een Pugil, een gerechtelijk dienaar van de bisschop. Deze gerechtsdienaar wordt met een priester, op straffe van de banvloek, gedwongen ter kruisvaart te gaan. Tijdens hun reis doen zij Rome aan waar de Pugil biecht bij de paus. Een privilege welke was voorbehouden aan Bisschoppen en edellieden. Als penitentie krijgt hij van de paus te horen dat hij en de priester met het kruisleger verder moet trekken ter kruisvaart. Bij Damiate zijn zij omstreeks 1219 tijdens de 5e kruistocht 1219 omgekomen. Omdat deze straf niet voldoende geweest zou zijn, moest op de plaats van de woning van de rechter een kerk gebouwd worden. In een visioen verschijnt de maagd Maria en draagt aan de mensen op om ter plaatse een kerk te bouwen waar haar zoon (Jezus) vereerd zal worden als in zijn graf. Nergens in de noordelijke Nederlanden is een spoor van een Heiliggrafkerk bekend. Het is bekend dat de Heilige Stede van Hasselt gebouwd is als een Heiliggrafkerk. Het lijkt dan ook volstrekt logisch dat Hasselt de plaats is, waar het verhaal van Caesarius zich heeft afgespeeld. Hieruit ontstaat het devotie-oord 'de Heilige Stede'. Op dit bedevaartsoord zouden talrijke wonderen zijn geschied. Overal uit de omgeving kwamen er mensen om de Heilige Stede te bezoeken. (Paul Rademaker)

Hasselt RK kerk.JPG

De grote dag van de Heilige Stede was de zondag na Sacramentsdag (2e zondag na Pinksteren) Zo'n 2000 pelgrims kwamen dan hier getuigen van hun geloof en verdienden de Hasselter Aflaat. Na de Reformatie gingen de bedevaarten door, hoewel de stadsbestuurders dit krachtig ontmoedigden. Zo werd de kerk afgebroken en kwam op deze plaats eerst een vuilstortplaats en later een galg. Op de eerdergenoemde aflaat(zon)dag bleven de stadspoorten gesloten om de gelovigen buiten de stad te houden. Maar Hasselt bleef voor de katholieke wereld een devotie-oord en de pelgrims bleven komen. Op 15 juli 1965 werd de laatste bedevaart gehouden.

Begin negentiende eeuw kregen de katholieken van Hasselt door toedoen van koning Lodewijk Napoleon de beschikking over een eigen kerk in de Voorstraat in Hasselt. In 1891 kon de parochie het oorspronkelijke terrein van de Heilige Stede gedeeltelijk terug kopen. Het resterende gedeelte kwam later in handen door schenkingen. Rond deze tijd werd ook de aflaatdag weer voor het eerst na de reformatie gevierd. In 1933 werd op de plaats van de Heilige Stede de huidige parochiekerk gebouwd. Het altaar van de kerk staat nagenoeg op de plaats waar het altaar in de middeleeuwen stond.

Een uitgebreide beschrijving: [2]

Monumentomschrijving Rijksdienst

Kerk

KRUISKERK met schoudertransept op Latijns kruisvormige plattegrond, opgetrokken in machinale baksteen onder zadeldaken, gedekt met geglazuurde pannen. Op de nok boven het koor een kruis. Tegen het koor een absis. Als westwerk een narthex onder zadeldak, geflankeerd door een vierkante klokketoren onder een steil, onderaan concaaf gewelfd tentdak. Koor en transeptarmen tellen één, het schip twee traveeën. Op de traveescheiding van het schip steunberen. Alle traveeën van koor en schip hebben een drieruits venster onder spitsboog met uitkragende betonnen latei en glas-in-lood. In de transepten gelijksoortige vierruits vensters. Het westwerk heeft een roosvenster met zespas ingevuld glas-in-lood, boven een dubbele toegangsdeur onder spitsboog. Aan de voet van de toren een poortgebouw over twee bouwlagen onder zadeldak. De doorgang bevindt zich in een portaal met spitsboog. Erboven in metalen letters de tekst: " Miserorum et Afflictuorum Asylon". Daarboven zes vensters met glas-in-lood. Haaks hierop een vergaderruimte over één bouwlaag met plat dak, die tot aan de rooilijn reikt. In de oksel van narthex en schip een aanbouw onder steekkap die, via een stoep met bordes, toegang biedt tot de processietuin. De sacristie en de pastorie bevinden zich in de oostelijke oksel van koor en transept. Het INTERIEUR is in schoon metselwerk uitgevoerd. Viering, koor, transepten en traveeën zijn allen voorzien van kruisgraatgewelven. De travee- en vieringsscheidingen hebben spitsbogen. De absis heeft in het interieur een halfronde plattegrond. Boven de narthex, die via drie doorgangen onder spitsbogen toegang tot het schip biedt, een orgelbalkon eveneens onder een spitsboog. Onder de toren een kapelletje. De kerk bezit het originele bankenplan. Koor, altaar en koorscheiding zijn in het kader van het Tweede Vaticaanse Concilie gemoderniseerd.

Waardering

Kerk van algemeen cultuur-, architectuurhistorisch en stedebouwkundig belang: - als ruimtelijk en functioneel hoofdonderdeel van het complex - als laatste fase in de bebouwingsgeschiedenis van de plek als bedevaartsterrein - vanwege de toegepaste Traditionalistische bouwstijl - als ontwerp van belang binnen het oeuvre van de architect - vanwege de beeldbepalende ligging - vanwege de gaafheid van in- en exterieur

Buitenkapel

Stephanuskapel. opname 2006 © H.B.A.

De BUITENKAPEL bestaat uit een gemetseld koor onder zadeldak met steekkappen, met de noklijn parallel aan die van de kerk. Het koor is aan drie zijden geopend door spitsbogen. In de blinde achterwand een gepleisterde spitsboog. Op de nok een steen met kruis in hoogreliëf. Aan de muurdammen twee wijwaterbekkens. Het koor is te betreden via een stoep van drie treden over de volle breedte.

Waardering

Buitenkapel van cultuur-, architectuurhistorisch en stedebouwkundig belang:

  • als laatste fase in de bebouwingsgeschiedenis van de plek als bedevaartsterrein
  • vanwege de bijzondere typologie als katholieke kerk met buitenkapel
  • vanwege de beeldbepalende ligging
  • vanwege de functionele en ruimtelijke relatie met de andere gebouwen van het complex
  • vanwege de gaafheid

Pastorie

Pastorie waarin de sacristie is opgenomen, opgetrokken vanaf een samengestelde plattegrond over twee bouwlagen in machinale baksteen onder een samengestelde kap gedekt met geglazuurde pannen. De entree bevindt zich tussen sacristie en pastorie in een portiek met rondboog. Links daarvan twee drielichts vensters onder spitsbogen (voor de sacristie). Op de begane grond twee en drielichts vensters met bovenlichten en wisseldorpels die buiten het kozijn steken. Op de verdieping twee en drielichts vensters. In de dakschilden twee dakkapellen met drielichten. Aan de achterzijde een dubbele aanbouw onder plat dak, deels met balkon. Van het interieur is de indeling bewaard gebleven. Tussen de twee hoofdvertrekken, met betegelde schouwen in Amsterdamse School stijl, is een doorbraak gemaakt.

Waardering

Pastorie van cultuur-, architectuurhistorisch en stedebouwkundig belang:

  • als laatste fase in de bebouwingsgeschiedenis van de plek als bedevaartsterrein
  • vanwege de architectonische uitvoering in een voor de tijd typerende stijl
  • vanwege de beeldbepalende ligging
  • vanwege de functionele en ruimtelijke relatie met de andere gebouwen van het complex
  • vanwege de gaafheid

In de tuin staat een Christusbeeld op sokkel.

Het uitzonderlijke aan deze kerk is dat de torenspits enige tijd in de tuin geparkeerd heeft gestaan, eind jaren 2000. Het risico dat de spits van de toren zou waaien was te groot. In 2010 is de torenspits weer op de torenromp gezet.

Boven de ingang van de kerk staat
Miserorum et Afflictorum Asylon

hetgeen “een toevluchtsoord voor ongelukkigen en bedroefden” betekent. Deze woorden stonden in een aflaatbrief van 1328. (bron: SPHH)

RK. Kapel op de begraafplaats. opname 2006 © H.B.A.

Afbeeldingen

Exterieur

Interieur